Een Zuid-Hollandse familie in Balgoy 1928-1931

Begin deze maand werd er op faceboek een berichtje gepost door Anneke uit Berkel en Rodenrijs, Zuid-Holland over familieleden die in Balgoy gewoond hadden. Het resulteerde in een eerder verhaal op deze blog over de familie Helderman, die in de Hoeveweg heeft gewoond. Ze vroeg om foto’s en gegevens en het leuke is dat ze nu zelf ook steeds meer foto’s tegenkomt die gemaakt zijn in Balgoy, zoals de foto hieronder.

IMG_0084

2e van links Hans Helderman, 21-04-1929 geboren in Balgoy, en helemaal rechts Leo Helderman, op 02-11-1930 geboren in Balgoy. De geboren Balgoyenaren kwamen dus een bezoekje brengen aan hun geboorteplaats. Wie de andere twee mannen zijn is niet bekend; misschien waren zij destijds de bewoners. Deze foto is rond 1950 gemaakt. (Bron: Anneke Krak)

Ik ben net als Anneke ook benieuwd of er Balgoyse mensen zijn die de meest linkse man op de foto kennen en de tweede van rechts. Wat betreft de familie Helderman is de stamboom op MyHeritage te vinden. Een uitsnede, met o.a. Johannes Helderman, zijn vrouw Anna, de twee jongens die in Balgoy geboren zijn en de relatie met Anneke, is hieronder gegeven.

Helderman stamboom

Deel van de stamboom van Johannes Everardus Helderman en Anna Petronella van der Helm zoals die op MyHeritage te vinden is.

IMG_5289

Hoeveweg 14 en Hoeveweg 16 (achterhuis) op dit moment.

Anneke vroeg zich ook af of het huis er nog stond of dat het misschien afgebroken was. Het huis, hoewel grondig verbouwd, staat er nog en net als in de tijd van de familie Helderman wordt het bewoond door twee gezinnen. Op kadastrale kaarten is de ligging terug te vinden. Een gemakkelijke manier om de lokatie weer te geven is middels PDOK. Publieke Dienstverlening Op de Kaart (PDOK) is een platform voor het ontsluiten van geodatasets van Nederlandse overheden. Dit zijn actuele en betrouwbare gegevens voor zowel de publieke als private sector. PDOK stelt digitale geo-informatie als dataservices en bestanden beschikbaar. De PDOK diensten zijn gebaseerd op open data en daarom voor iedereen vrij beschikbaar.

Kadaster nu

Met PDOK worden o.a. de kadastrale perceelsgrenzen, perceelnummers, de belangrijkste bebouwing en straatnamen weergegeven.

Op 18 februari 1815 werd het Topographisch Bureau opgericht. Sinds die datum verzamelt en ontsluit de Nederlandse overheid geografische informatie: bijvoorbeeld over de ligging van wegen, water, bebouwing en landbouwgrond. Later ging het Bureau verder onder de naam Topografische Dienst. In 2004 werd de Dienst onderdeel van het Kadaster. Hiermee haalde het Kadaster jarenlange ervaring met het verzamelen van geo-informatie in huis. Om 200 jaar topografie te vieren werd een tijdreis-app gemaakt, topotijdreis.nl. Met deze app zijn meer dan 200 jaar aan topografische gegevens van nederland beschikbaar! Als we naar de twintiger jaren van de vorige eeuw gaan, zien we de bebouwing van de Hoeveweg in die periode en kunnen we de boerderij die bewoond werd door de familie Helderman terugvinden.

Hoeveweg 1925

Topografische kaart uit het begin van de vorige eeuw.

In het kadaster van Balgoy (BGY) vinden we meer details over wanneer de boerderij is gebouwd. De onderstaande figuur is samengesteld uit een hulpkaart en legger waaruit blijkt dat de woning is “gesticht” (nieuwbouw) in dienstjaar 1916 (dj1916). Een dienstjaar is een kalenderjaar plus een. De nieuwbouw heeft dus plaatsgevonden in het jaar 1915.

BGY00A93 met legger details

Kadastrale hulpkaart en detail van legger waarop informatie te vinden is wanneer de boerderij is gebouwd.

Bekend is dat de familie Helderman tussen 1928 en 1931 in Balgoy heeft gewoond. Vraag blijft hoe de familie, die vanuit Zuid-Holland naar Balgoy kwam, aan het adres is gekomen en waarom zij na drie jaren weer teruggegaan zijn naar Zuid-Holland. Alle informatie is welkom.

Opa en oma woonden als het goed is op Hoeveweg 43

foto Anneke Krak - Hoeveweg 43

“Hoeveweg 43” in Balgoy rond 1930

Heemkunde en historie gaan heel goed samen met sociale media. Deze middag werd er op faceboek een berichtje gepost door Anneke uit Berkel en Rodenrijs, Zuid-Holland, met een fotootje (zie hierboven) en een vraag. Ik citeer: “Rond 1930 hebben mijn opa en oma tijdelijk in een gedeelte van deze boerderij gewoond, mijn oma had alleen dit foto’tje. Het zou als het goed is hoeveweg 43 moeten zijn. Ik ben benieuwd wie destijds de eigenaar van de boerderij was, en of er nog meer foto’s van zijn.”

Deze vraag is uitermate geschikt om op te zoeken in het bevolkingsregister (BR). Vanaf 1923 was Balgoy geen eigenstandige gemeente meer, maar onderdeel van de gemeente Overasselt. Alleen gaat het online BR van de gemeente Overasselt niet verder dan 1923. Dit register (1924-1931) is wel in te zien in het Regionaal Archief te Nijmegen. Het BR bestaat uit 10-jarige tabellen met daarin de inwoners van de gemeente geregistreerd op huisnummer. Bovendien is opgetekend wanneer zij in de betreffende periode zijn gevestigd en/of wanneer zij zijn vertrokken. In dit geval dus in de periode 1924 tot en met 1931. De onlogische begindatum wordt verklaard door het feit dat op 1 mei 1923 de gemeente Balgoy en Keent haar zelfstandigheid opgaf en werd gevoegd bij de gemeente Overasselt. In diezelfde periode 1924-1931 werd in de zomer van 1928 ook nog een nieuwe huisnummering ingevoerd door de gemeente Overasselt.

De verbinding van Balgoy met Keent: Van Molenweg naar Hoeveweg

Hoeveweg C103. Deze figuur is een detail van een landkaart die is gedateerd op 1904, waarin de huisnummer uit de periode 1924-1931 zijn ingetekend. Deze kaart is weer als overlay gebruikt op een Google Earth luchtfoto met datering 2006.

De gegevens met betrekking tot de opa en oma staan op bladnummer 210 van het BR. Vanaf 1928 is het huisnummer C103, maar voor de hernummering was het C43 (Hoeveweg 43 dus!). Het huis werd in die tijd bewoond door de landbouwer Theodoor Johannes Kleijnen, diens echtgenote Henrica Joanna van Berkel en hun vier kinderen, die in 1923, 1924, 1926 en 1927 geboren werden.

Op 5 april 1928 wordt melkverkoper Joannes Everardus Helderman uit Schiebroek op hetzelfde adres ingeschreven, samen met echtgenote Anna Petronella van der Helm en hun vier kinderen Gerardus Cornelis Maria (geboren 1922, Loosduinen), Cornelia Maria (geboren 1923, Schiebroek), Adrianus Wilhemus Maria (geboren 1924, Schiebroek) en Anna Leonarda Maria (geboren 1926, Schiebroek). In Balgoy worden ook nog Johannes Gerardus (1929) en Leonardus Jacobus Gerardus (1930) geboren. Op 1 juni 1931 wordt het gezin uitgeschreven en verhuist naar Berkel C.A. en wordt bladnummer 210 van het BR afgesloten.

De enige foto’s die ik heb dateren van de jaren vijftig van de vorige eeuw; het huis wordt dan bewoond door Koos de Bruijn. Ook in die tijd woonde er een familie in, Wimke Derks van de Ven en zijn gezin.

Het huis van Koos de Bruijn, later van Jan en Toos de Bruijn

Het huis van Koos de Bruijn, later van Jan en Toos de Bruijn (Bron Milleniumboek Ballegoijse Minse van Ries van Haren,1999)

Wimke Derks van de Ven, echtgenote Mien en dochter Josefien

Wimke Derks van de Ven, echtgenote Mien en dochter Josefien. Op de achtergrond links het huis en rechts de H. Johannes de Doperkerk. (Bron Milleniumboek Ballegoijse Minse van Ries van Haren,1999)

H Johannes de Doperkerk Balgoy 1926

Luchtfoto van kruising Boomse en Hoeveweg uit 1926. De boerderij waar het gezin Helderman heeft gewoond staat links van de H. Johannes de Doperkerk,enkele meters verderop de Hoeveweg in. Collectie Nederland: Musea, Monumenten en Archeologie, Gebruiksrecht http://www.europeana.eu/portal/en/rights/rr-f.html

Met behulp van de bovenstaande foto’s ontdekte Anneke nog geen dag later tussen haar oude foto’s een foto, gemaakt voor de boerderij in Balgoy. Op deze foto staat de familie Helderman en omdat op deze foto vier kinderen staan en niet de twee die in Balgoy zijn geboren in 1929 en 1930, dateert de foto zeer waarschijnlijk van voor die tijd, dus 1928/1929.

Familie Helderman in Balgoy

Familie Helderman in Balgoy (1928/1929), 3e en 4e van rechts zijn Joannes Everardus Helderman en echtgenote Anna Petronella van der Helm. Ervoor hun kinderen v.l.n.r. Gerard, Aad, Corry en Annie. Corrie is de moeder van Anneke. Anderen zijn familie, 2e van links een zus van Anna van der Helm en 3e van links en 2e van rechts broers. De rest is aanhang. Voor woning Hoeveweg C43/C103 te Balgoy (Bron: Anneke Krak).

Hieronder nog een tweede foto met daarop vier kinderen van Joannes Helderma en Anna van der Helm.

B8E23109-B759-4859-BFF1-D2ABBA15B36F

V.l.n.r. Corry, Aad, Annie en Gerard Helderman voor hun woonhuis aan de Hoeveweg in Balgoy rond 1928 (Bron: Anneke Krak).

Kerstmis 2018 – De kerstgroep van de H. Johannes de Doperkerk viert honderdste verjaardag

De kerststal in de Balgoyse Johannes de Doperkerk

De kerstal in de H. Johannes de Doperkerk op kerstavond

De kerststal in de H. Johannes de Doperkerk is in de kersttijd een blikvanger voor in de kerk. Traditioneel gebouwd en ingericht door Theo Willems, geholpen door Jan Reijnen en door de kerkhofwerkers. Het is ook traditie dat Theo tijdens de viering op kerstavond het kerstkind de kerk binnendraagt en in de kerststal plaatst en dat heeft hij ook dit jaar weer gedaan. Balgoy heeft een mooie kerststal met een mooie beeldengroep, die er al is zolang als we ons kunnen herinneren. Hoe lang precies? Er waren mensen die zeiden dat de kerstgroep misschien wel uit de oude kerk afkomstig zou kunnen zijn.

In december 2015 schreef ik een blog over de kerststal in de Balgoyse kerk. Samen met religieuze kunstkenner Wim de Mul had ik in de kerk naar de kerststal gekeken of die van Pietro Mazzotti was. Wim bekeek de beeldengroep van afstand en was meteen overtuigd dat het inderdaad beelden waren van Mazzotti. Bij nadere inspectie bleek bij een aantal beelden ook het merkteken van Mazzotti (PM) aangebracht te zijn. Ik was heel tevreden met de nieuwe kennis dat de kerstgroep in onze kerk in het begin van de twintigste eeuw was vervaardigd in Münster door Pietro Mazzotti en dus naar alle waarschijnlijkheid was aangeschaft in de tijd dat de nieuwe Johannes de Doperkerk aan de Boomsestraat in gebruik werd genomen, in of net na 1914.

pastoor Jan Cornelis Martens

pastoor Jan Cornelis Martens

Afgelopen zomer was er het verhaal over Balgoys nieuws in de kranten van 100 jaar geleden. Een van de nieuwsfeiten was het overlijden van pastoor Martens. Hij is op 4 september 1918 overleden, voorzien van het H. Sacrament der Zieken. Joannes Cornelis Martens werd pastoor van Balgoy in 1911. Hij was geboren te Udenhout op 11-12-1866 als zoon van Adriaan Martens en Cornelia Burgmans. Hij had gestudeerd aan het seminarie van Haaren, werd in 1892 tot priester gewijd en in 1894 tot kapelaan in Wanroij benoemd. Van 1898 tot 1911 was hij aangesteld als kapelaan in Asten (Bron: Heemkundekring De Vonder Asten – Someren). Onder zijn pastoraat in Balgoy is de in 1913-1914 aan de Boomsestraat gebouwde nieuwe parochiekerk tot stand gekomen; Martens werd dan ook wel de “bouwpastoor” genoemd.

De benoeming van een nieuwe pastoor in Balgoy was in die tijd snel geregeld. Nog in diezelfde maand werd kapelaan van Acht uit Kaatsheuvel aangesteld als pastoor in Balgoy. Uit een bericht in De Nieuwe Tilburgsche Courant van 17 september 1918 blijkt dat Balgoy blij mocht zijn met de nieuwe pastoor en op 20 september was de benoeming een feit.

van Acht

Pastoor Godefridus van Acht

Kaatsheuvel

De Nieuwe Tilburgsche Courant van 17 september 1918

Het meest verrassende en interessante bericht dat ik las in het krantennieuws van 2018, was een bericht uit de Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant van 13 november 1918, een paar maanden na de benoeming van pastoor van Acht. Het betrof een cadeau van de leden van de vereniging van de H. Familie uit Kaatsheuvel, waarvan de toenmalige kapelaan van Acht directeur was geweest aan de nieuwe pastoor van Balgoy. Een beeldengroep. De beeldengroep!

beeldengroep

Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant van 13 november 1918

De kerstgroep die nu in de Balgoyse kerk staat werd dus waarschijnlijk niet aangeschaft in de tijd dat de nieuwe Johannes de Doperkerk aan de Boomsestraat in gebruik werd genomen, in of net na 1914. Meer voor de hand liggend is het, na dit krantenbericht gelezen te hebben, dat het een cadeautje was uit Kaatsheuvel voor de nieuwe pastoor in  1918. Dat betekent dus dat de kerstal dit jaar precies 100 jaar oud is.

OdhVlxcvTTu+ISCittr+6g

Kinderen uit Balgoy maakten hun eigen kerstgroep met Jozef, Maria en het kindje Jezus

Het is ook om deze reden, dat de kinderen uit Balgoy samen met Ans van Erp, allemaal een mooie kerstgroep van Jozef, Maria en het kindje Jezus met ster hebben geknutseld in het theehuis van Yvon van Haren. Die meer dan dertig mooie kerstgroepen stonden voor in de overvolle kerk tijdens de kindvriendelijke kerstviering op 24 december. Het thema van de viering was “Kerstmis is vrede voor iedereen”. In deze viering gingen we samen op weg naar de stal van Bethlehem.

IMG_0068

Levende kerststal uitgebeeld door kinderen tijdens de kindvriendelijke kerstviering.

Het verhaal werd verteld door twee poetsvrouwen, die samen met de kinderen een levende kerststal uitbeeldden. Ze vertelden daarbij dat heel vroeger alle verhalen over Jezus alleen maar in de bijbel te lezen waren. In het begin van de 13e eeuw was er een monnik, Franciscus van Assisi, die het belangrijk vond dat ook arme mensen die niet konden lezen het geboorteverhaal van Jezus konden zien. Dus hij maakte een levende kerststal ergens in een grot. Zo zijn mensen al eeuwenlang op zoek naar het kind van warmte, licht, geluk en vrede. Een zoektocht naar de stal in Bethlehem en naar het kerstkind, zo mooi uitgebeeld in de kerststal die al 100 jaar in onze kerk staat en in al die nieuwe kerststalletjes die door de kinderen zijn gemaakt. Na de viering mochten de kinderen hun eigen gemaakte kerstgroep mee naar huis nemen. Een mooie herinnering aan “Kerstmis is vrede voor iedereen”. Zalig kerstfeest.

Balgoy verbonden met het verhaal van Mariken van Nieumeghen

4744d-img_0084

Mariken van Nieumeghen (Marjolein Pieks) op bezoek in dorpshuis ’t Ballegoyke in september 2016.

Voor mij begon het allemaal op 29 september 2016 toen ik door Mariken van Nieumeghen naar dorpshuis ’t Ballegoyke werd gelokt om te praten over de verbinding van Mariken en haar verhaal met het dorp waar ik woon en leef en zo werd de legende van Mariken van Nieumeghen ook voor mij een stukje Balgoyse historie. In de Gelderlander van 8 december vertelt ook hoogleraar Nederlandse letterkunde Jos Joosten dat het boek “Mariken van Nieumeghen” waarschijnlijk helemaal niet in Nijmegen speelt en dat Nijmegen hoogstwaarschijnlijk alleen gekozen is als symbolische plaatsnaam. Zelfs als Nijmegen wél echt plaats van handeling van het verhaal zou zijn, dan is volgens Jos Joosten in het verhaal duidelijk te lezen dat Mariken niet uit Nijmegen komt, maar uit de omgeving. Meest waarschijnlijke woonplaats van het meisje is dan volgens hem Balgoy.

Trouw 2-11-1977

Krantenartikel in Trouw van 2-11-1977 waarin het verband wordt gelegd tussen Mariken van Nieumeghen en Balgoy. Kent iemand de mensen op de foto?

Dat verhaal was al langer in Balgoy bekend. Toen de Balgoyse mensen in 1977 naar de stembus mochten om te kiezen voor de gemeente Overasselt of de gemeente Wijchen was dat landelijk nieuws. Bijvoorbeeld in een artikel in Trouw werd over de volksraadpleging gesproken en kan men ook lezen dat de moeilijke keuze die de Balgoyse mensen moesten maken werd vergeleken met Mariken die in Balgoy de duivel ontmoette en toen ook moest kiezen wat ze ging doen (zonder bronvermelding).

detail Trouw 2-11-1977

Detail (laatste alinea) uit krantenartikel Trouw.

De verbinding tussen Balgoy en Mariken werd ook opgeschreven door Balgoyenaar Jo Heijmans, de zoon van Wimke Heijmans, die fruitteler (en tolheffer) was op een boerderijtje bij het Balgoyse kasteel. Zijn verhaal Mariken van Nimwegen. Een literair-historische speurtocht naar Mariken’s woonplaats” is nog terug te lezen op internet. Jo Heijmans baseert zich op een publicatie van de historici W.A.F. Janssen, W.H. Beuken en K. de Vries in het tijdschrift Leuvensche bijdragen op het gebied van de Germaansche philologie en in ’t bijzonder van de Nederlandsche dialectkunde Vol. 56, No. 1 (1967), p. 1-99.

In de editie “Mariken van Nieumeghen” van Dirk Coigneau uit 1996 wordt op blz 149 en 150 ook de verbinding met Balgoy uitgelegd. De auteur verwijst o.a. naar dezelfde publicatie als Jo Heijmans. Op dri milen na Nieumeghen: vgl. v. 16 twe groote milen en v. 54 ongeveer drie uren gaans. De Hollands mijl in de middeleeuwen was ongeveer 1 uur gaans, dus ca. 5 km. Volgens v. 652 woonde de Oom in Venlo dat echter geen drie, maar twaalf uur gaans van Nijmegen verwijderd is. Bovendien is Venlo geen dorp (vgl. daarentegen v. 84) en behoorde het tot een ander dekenaat en bisdom (nl. Luik) dan Nijmegen (Keulen) (vgl. echter v. 1007, het proza na v. 1020 en de reis naar Keulen). Daarom stelde Janssen de mogelijkheid voor dat hier oorspronkelijk niet Venlo, maar ‘Balgoy’ zou zijn bedoeld, ‘de naam van een ongeveer tegenover Grave aan de Maas gelegen zeer oude dorpsparochie, die tot het dekenaat Nijmegen en het bisdom Keulen behoorde en vrijwel precies drie uur gaans van Nijmegen verwijderd was’ (Leuv. Bijdr. 56 (1967), p. 22 en 35). Mijns inziens hoeft de terloopse en afzonderlijke vermelding van Venlo in v. 652 (niet in D) niet zo nauw met de initiële afstandsgegevens die heel doelgericht alleen op Nijmegen betrokken zijn, verbonden te worden. In een enkele zin die onverwacht en gedwongen precies de woonplaats van de Oom ten opzichte van die der tante onderscheidt, lijkt ‘Venlo’ eerder een secundair gegeven (ook in het inleidend proza van XIV keert de Oom, geheel ongespecificeerd, ‘tot sinen lande’ weer). Het gedwongen karakter van deze specificering is begrijpelijk binnen de formele structuur van het rondeel dat geheel om het verzoek van Emmeken om haar verwanten ‘inden lande van Ghelre’ te gaan bezoeken ‘draait’ (v. 648-655). Dat de dichter daarbij dan als rijmwoord op ‘no’ en ‘alsoe’ de naam van een bekende plaats in Opper-Gelre in de pen werd gegeven, is, hoewel in de ruimere context ongepast, al even begrijpelijk.

Hoe staat het er nu precies geschreven? De legende begint met het verzoek van heer Ghijsbrecht, de oom en priester waar Mariken in huis is, om boodschappen te gaan doen in Nijmegen. Op bladzijde  53 van het boek van Coigneau staat een soort inleiding, waarin al een hint naar Balgoy kan worden gelezen:

Die prologhe
(I)nden tijde dat hertoghe Arent van Gheldre te Grave ghevanghen wert gheset van sijnen sone hertoghe Olof ende sijnen medepleghers, so woende op dri milen na Nieumeghen een devoet priester gheheeten heer Ghijsbrecht ende met hem woende een schoon ionghe maecht gheheeten Mariken, zijnder suster dochter, wiens moeder doot was. Dese voerscreven maecht regeerde haers ooms huys, hem zijn gherief wel eerlijck ende neerstelijck doende.

I Hoe heer Ghijsbrecht Mariken zijnder nichten tot Nimmeghen ghesonden heeft.

Mariken1

Bron: “Mariken van Nieumeghen” van Dirk Coigneau uit 1996

Het ghebuerde dat des heer Ghijsbrecht Mariken zijnder nichten seynden wilde in die stadt van Nieumeghen om daer te coopen tghene dat si behoefden, tot haer seggende aldus:

MARIKEN
Wat ghelieft u heer oom?

DIE OOM
Hoort kint, slaet mijnder woorden goom
Ghi moet nae Nimmeghen nemen u vertreck
Om ons provande te halen, wi hebbens ghebreck
Van keersen, van olie in die lampe te doene,
Van azine, van soute ende van enzoene
Ende van solferpriemen soe ghi selve ontcnoopt.
Daer zijn acht stuvers; gaet henen, coopt
Te Nimmeghen van dies wi hebben breke.
Tesser nu iuyst mertdach vander weke,
Te bat suldi vinden al dat u ghereyt.

MARIKEN
Heer oom, tot uwer onderdanicheit Kent mi bereet in alder (mate).

DIE OOM
Om tavont weder thuys te sine werdet te late
Want die daghen zijn seer cort nu ter wilen
Ende tes van hier te Nieumeghen twe groote milen
Ende tes nu tien uren of daer toe bet.
Hoort kint, eest dat ghier so lange let
Dat u dunct dat ghi met schonen daghe
Niet gheraken en sout tuwen behaghe,
Blijft daer vri te nacht, ick werts te gherustere
Ende gaet slapen tot uwer moeyen, mijnder suster(e),
Die en sal u om eenen nacht niet ontsegghen.
Ick hebt liever dan dat ghi doer haeghen ende heggen
Thuys by doncker sout comen alleene,
Want den wech en es van bo(e)ven niet alte reene,
Ende ghi sijt een schone, ionghe lustighe maecht,
Men soude u lichtelijck aenspreken.

Een stukje verderop bij versregel 54 staat nog een tweede aanwijzing.
Beginnend bij versregel 45:

Nu heb ic van als dat ons ghebrack
Doen weghen ende meten naer mijn ghemack

Ende daer na ghecocht ende wel betaelt.
Maer mi dunct dat ic hier so langhe heb gedraelt
Dat ghinder die nacht compt op gheresen.
Daer sie ick eenen wiser; wat macht wesen
Aenden dach? Tes alre tusschen vieren ende viven!
Nu moet ic tavont int stede bliven;
Ten es noch maer een ure dach
Ende in drie uren dat ict nauwelijck gaen en mach
Van hier tot mijns ooms. Neen, tes beter ghebleven.
Mijn moeye die woent recht hier neven;
Ick wil haer gaen bidden datse mi een bedde decke,
Ende morghen, also vroech als ick ontwecke,
Soe mach ic mi nae huys snel ten labuere s(l)aen.
Ick sie mijn moeye voer haer dore staen;
Soot wel betaemt, wil icse gaen groeten.

Zoals gezegd is het verhaal van Mariken, dat vanzelfsprekend nog veel langer is, een laat-middeleeuwse legende, maar toch is de hele context van het verhaal gebaseerd op historische feiten. De schrijver of schrijvers waren goed op de hoogte van de politieke en maatschappelijke situatie in en ook rond Nijmegen. De samenstelling van het uiteindelijke gedrukte boekwerk is wel erg complex geworden en bevat elementen van verzen en proza van verschillende tijden, die vermengd zijn. Daarmee kan ook de geschiedenis van de hoofdpersoon misschien wel deels verweven zijn met feitelijke gegevens die op verschillende plekken en zelfs verschillende tijden hebben plaatsgevonden. Natuurlijk ben ik bevooroordeeld, maar het lijkt heel aannemelijk dat een deel van het verhaal plaatsvond in en rond Balgoy. In ieder geval kende(n) de schrijver(s) de situatie daar. Zij wisten dat er een kerkje was in het dorpje waar Mariken woonde. In Balgoy werd al in de 11e of begin 12e eeuw van veld- en tufsteen een zaalkerkje gebouwd zoals die voorkomen in het Nederrijnsgebied. Van dit zaalkerkje zijn funderingsrestanten teruggevonden. Sinds september 2016 zijn voor mij dit kerkje, de “devote priester heer Ghijsbrecht en de met hem wonende schone jonge maagd geheten Mariken, de dochter van zijn zuster” onlosmakelijk met Balgoy verbonden.

331da-img_0132

Halverwege de 18e werd door Bulthuis een kopergravure gemaakt van “het dorp Balgoyen” met zijn kerkje. Ik ben de gelukkige bezitter van zo’n mooie kopergravure, die ook nog eens “oud” is ingekleurd.

Cafe en winkel “VIVO” van André van den Berg

 

De woning op een hoek van de Torenstraat waar tot het einde van de 19e eeuw de secretarie van de gemeente Balgoy en Keent was gevestigd. Deze foto is gemaakt in 1999.

Totdat eind 1884 of begin 1885 het nieuwe (verbouwde) gemeentehuis met secretarie in gebruik genomen werd, was de secretarie van de gemeente Balgoij en Keent gevestigd in het pand van H.M. van Eldonk, op een hoek van de Torenstraat ter hoogte van waar nu de oude toren is. In dit pand was ook een café met een drankwetvergunning gevestigd en dit was er de oorzaak van dat er in 1881, toen een dergelijke combinatie door de drankwet van dat jaar verboden werd, een nieuwe secretarie en raadkamer moest komen. De gemeentesecretarie verhuisde naar de hoek met de Molenweg (nu Hoeveweg), waar ook de school was, maar het café bleef. Het pand kende wel meerdere eigenaren in de vorige eeuw, zoals blijkt uit het gedicht van Ries van Haren, dat hij in 1999 publiceerde in “Balgoyse minse, een eeuw Balgoijse sfeer tussen de Loswal en de Bremdenmeer”:

Het pand veranderde

Begin deze eeuw stond in de oude kern café-boerderij van Kempen
In de twintiger jaren kwam familie van Eldonk erin, en die verdienden met broodbakkenen ’t café de centen
Rond de vijftiger jaren ging “Nappie” naar de broodfabriek in Nijmegen
Toen hebben we Piet Raaijmakers met Betsie en Willemien in dat pand gekregen
Tot grote teleurstelling van Piet is in 1953 de winkel op verdachte wijze afgebrand
Toen kwam André van de Berg erin met café en “VIVO” pand
In de zeventiger jaren kocht Ton Diekstra met Heleen de “VIVO” en handelde in antiek
In ’t café kwam lijstenmaker Van Haren, die runde er een sexclub bij met veel Balgoijse kritiek
Geert en Nelleke Banken kochten het café in de tachtiger jaren en maakten daarvan een mooie woning
En Diekstra verkocht in ’97 aan van Benthem, die runnen een schoonheidssalon, dat is de bekroning

André van den Berg, zoon van Cillis (Marcellus) van den Berg en Maria Loeffen, was de laatste eigenaar van het pand, die er een winkel en café had. Cillis van den Berg uit Dennenburg trouwt in 1901 met de Balgoyse Maria Loeffen.

Trouwakte 19-9-1901 gemeente Balgoy en Keent, Marcellus van den Berg uit Dennenburg trouwt met Maria Geertruda Joanna Loeffen uit Balgoy.

Cillis, die volgens het bevolkingsregister van de gemeente Balgoy fabrieksarbeider was, en zijn vrouw Maria gingen wonen in de Hoeveweg, in het huis waar Dries van den Akker met zijn gezin hadden gewoond (Bron: Balgoyse minse, een eeuw Balgoijse sfeer tussen de Loswal en de Bremdenmeer, Ries van Haren, 1999) en waar nu Sjaak en Ria van den Bogaard wonen en werken (dierenasiel de Mère). Eind 1912 wordt daar zoon Andreas Martinus (André) geboren. André maakte een winkel in het huis.

11019-10_00014

Gemeente Balgoy, geboorteakte Andreas Martinus van den Berg op 28-11-1912

image141

Gouden bruiloft Marcelis vd Berg en Maria Loeffen in 1951. Staand vlnr: Cor vd Ven, Marie, Andre, Dina, Jan Hulsman, Jans, Kees Joosten en Lies. Zitend vlnr: Anna, Jan, Marcelis vd Berg, Maria Loeffen, Thijs en Berta Groenen (Bron: Marietje Jonker).

SAMSUNG
Cillis overleed in 1957 en werd begraven op het kerkhof van de H. Johannes de Doperkerk (bron: Graftombe.nl). Net daarvoor verhuisde André, die getrouwd was met Dina de Groot, naar het pand in de Torenstraat.  In dat pand woonde toentertijd Piet Raaijmakers, die ook een winkel had. Die winkel brandde onder verdachte omstandigheden af.

 

image849.jpg

Gezin Andre van de Berg voor het café aan de Torenstraat, vlnr.: Riek, Andre, Marietje, Dina, Willemien, Marcel, zittend vlnr.: Elly en Janny.

André van den Berg bleef tot in de zeventiger jaren in de winkel en het café. In 1987 overleed hij.

overlijdensbericht

Overlijdensbericht van Andreas Martinus van den Berg in 1987