Waar heeft Lena Derks gewoond in Keent?

Balgoy gezien vanaf de dijk in Keent.

Op 26 maart 2026 ontving ik een e-mail van Peter Pouwels uit Groesbeek. Hij is op zoek naar waar zijn moeder vandaan komt.

Hij schrijft dat zijn moeder is geboren in het ‘oude’ Keent. Toen zij een paar jaar oud was moest het gezin i.v.m. de verlegging van de Maas verhuizen en kwam men in Overasselt terecht in de Valkstraat. Hij weet niet precies welk huisnummer. Ze heeft er vroeger over verteld. Zijn moeder leeft nu niet meer en ooms en tantes zijn er ook niet meer om informatie te vragen. Tijdens zijn zoektocht stuit hij op de website van de “Heemkundekring Pagus Balgoye” en vindt daarop dat ik betrokken ben bij het deelproject “Onderzoek naar wie waar woonde in Balgoy en Keent ten tijde van de maaskanalisatie”.

Natuurlijk wil ik graag helpen. Het bevolkingsregister van de gemeente Overasselt uit de periode 1924-1931, dat ik samen met Werner Peters, ook lid van Pagus Balgoye, heb geïnventariseerd in het Regionaal Archief te Nijmegen, levert een mooie basis. Het bevolkingsregister bestaat eigenlijk uit 10-jarige tabellen met daarin de inwoners van de gemeente geregistreerd op huisnummer. Bovendien is opgetekend wanneer zij in de betreffende periode zijn gevestigd of wanneer zij zijn vertrokken. De onlogische begindatum in dit geval wordt verklaard door het feit dat op 1 mei 1923 de gemeente Balgoy en Keent haar zelfstandigheid opgaf en werd gevoegd bij de gemeente Overasselt.

In de e-mail schrijft Peter Pouwels dat zijn moeder Helena Hendrika (Lena) Derks is, geboren op 26-07-1932 en dat haar ouders Marinus Johannes Derks en Johanna van Gaal waren. In folio 255 van het bevolkingsregister 1924-1931 worden de bewoners van Wijk C59 genoemd. Dit is de nummering, die door de gemeente Overasselt werd ingevoerd in de zomer van 1928. Daarvoor was het de nummering van de gemeente Balgoy en Keent, Wijk D26 (nog wel vermeld, maar doorgestreept).

Hoofd van het gezin is Marinus Johannes Derks, geboren 28-6-1892 te Balgoy, van beroep landbouwer. Zijn vrouw is Johanna van Gaal, geboren 3-4-1895 te Balgoy. Behalve een neef uit Mill, Josef Verbrocken, geboren 4-8-1896, worden nog vijf kinderen genoemd. Laurentius Johannes (zoon), geboren 20-9-1924 te Overasselt, Geertruda Maria (dochter), geboren 14-4-1926 te Overasselt, Johannes Marinus (zoon), geboren 9-11-1927 te Overasselt, Maria Hendrika Theresia (dochter), geboren 23-2-1929 te Overasselt en Hendrikus Laurentius (zoon), geboren 3-9-1930 te Overasselt. Helena Hendrika was in 1931 nog niet geboren.

Marinus Johannes Derks trouwde Johanna van Gaal op 30-101923 in Overasselt.

Detail uit BS huwelijksakte van de gemeente Overasselt.

Marinus Johannes Derks is na zijn trouwen in hetzelfde huis blijven wonen als waar hij geboren was. Dat blijkt uit de geboorteakte van de burgerlijke stand. Het wijknummer is dan weliswaar nog B26, maar door de gemeentelijke veranderingen werd B26 later C26, D26 en C59. De locatie bleef dezelfde.

Geboorteakte BS van de gemeente Balgoy en Keent uit 1892. De aangifte van de geboorte van Marinus Johannes Derks, geboren 28 juni om half een ’s morgens te Keent.
Kadastrale kaart van Keent. Marinus Johannes Derks woonde op sectie B nummer 366.
Kadaster Keent, gemeente Balgoy. Verkoop van huis, schuur, erf en bouwland in dienstjaar 1935. Dat betekent dat het gezin in 1934 verhuisd zal zijn naar Overasselt. Volgens het kadaster is de Staat der Gewone Domeinen eigenaar geworden.

Marinus Johannes Derks is in 1923 (dienstjaar 1924) eigenaar geworden. Hij kocht huis, schuur, erf en bouwland van zijn vader Laurentius Derks.
Uit het bevolkingsregister van de gemeente Balgoy en Keent (1890-1923) blijkt ook dat Laurentius Derks, geboren 2-1-1859 te Gassel, woonde in wijk B26. Hij is daar ingeschreven op 16 mei 1883 komende uit Overasselt. Hij is overleden op 28-11-1921 en niet lang daarna heeft zoon Marinus Johannes de boerderij overgenomen.

De gemarkeerde plek waar Marinus Johannes Derks geboren is en na zijn trouwen gewoond heeft. En waar dus ook dochter Lena geboren is.
De plek waar Lena Derks geboren is (Google Streetview).

Met deze speurtocht krijgt het verleden van Lena Derks en haar familie weer een duidelijke plaats op de kaart. Archiefstukken, bevolkingsregisters, kadastergegevens en oude kaarten laten zien hoe één boerderij in Keent enkele generaties het middelpunt van een familiegeschiedenis vormde, totdat de ingrepen in het Maaslandschap daar onherroepelijk een einde aan maakten. Wat begon als een persoonlijke vraag groeide uit tot een klein, maar betekenisvol stukje lokale geschiedenis, waarin zichtbaar wordt hoe ingrijpende landelijke plannen het leven van gewone gezinnen bepaalden. Zo verbinden herinneringen, documenten en het landschap van nu zich tot een tastbaar verhaal dat het ‘oude’ Keent opnieuw tot leven brengt.

Bijna een eeuw Hammen aan de Torenstraat

Figuur 1. De kerk is uit en Hendrik Hammen (midden) wandelt eind vorige eeuw (1981) op zondagmorgen richting zijn woonhuis, samen met de gebroeders Lamers. Rechts het woonhuis van zoon Gerard. Dit was eens het Balgoyse boterfabriekje.

Over een Balgoyse boerderij die al generaties lang familiegrond is

Als je net als Hendrik Hammen en Frans en Wim Lamers door de Torenstraat loopt en dan op het kruispunt richting Wegelaar en de Oude Toren gaat, zie je op dit moment aan de rechterkant de boerderij waar nu Henk en Paul Hammen wonen. Twee broers die hier al hun hele leven gewoond hebben, op het erf dat eind 2025 precies honderd jaar in bezit is van de familie Hammen. Een mooi moment om stil te staan bij de rijke voorgeschiedenis van deze plek én bij het leven dat er in al die jaren is geleefd.

Figuur 2. Boerderij Torenstraat 14 in juli 2025. De oorspronkelijke boerderij was een hallenboerderij (het huidige achterhuis, foto rechtsonder). Na 1864 is het een T-boerderij geworden (met voorhuis, foto links). Verder is er nog een bakhuis (Foto rechtsboven).

Van Van Eldonk tot Janssen

De oudst bekende eigenaar van deze boerderij is Francis Jacobs, die vóór 1811 op deze plek woonde. Rond 1825 werd het eigendom van Jan van Eldonk, geboren rond 1794 en afkomstig uit Keent. In 1826 woonde hij met zijn vrouw Elisabeth Jacobs in Balgoy toen hun zoon Franciscus werd geboren. Het perceel is terug te vinden in het minuutplan van Balgoy (sectie A nummer 129) en wordt in de OAT (Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel) beschreven op blad 008.

Figuur 3. Minuutplan 1811-1832 van Balgoy (met sectie A nummer 129) en detail uit blad 008 van de OAT (Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel).

Jan van Eldonk zou tot circa 1862 op het erf wonen. Daarna trekt hij in bij Jacob van Haren op Florenstein (zie Bevolkings Register Balgoy 1860-1890, blad 16). In datzelfde jaar wordt de woning betrokken door een nieuwe bewoner: Hendrikus Janssen, geboren in 1825, die hoofdonderwijzer in Balgoy werd en Willem Frederik Kalf opvolgde op de school in de Houtsestraat (De geschiedenis van de lagere school in Balgoy | Piet’s Blog: Balgoyse mins). Daarmee begint een periode van zestig jaar waarin de familie Janssen de boerderij bewoont.

Hendrikus’ zoon, Jacobus Alphons Clemens (Fons) Janssen, geboren op 9 juni 1864 in Balgoy, erft de woning en woont er samen met zijn ongehuwde zus Adriana Dorothea. Beiden staan tussen 1924 en 1925 als bewoners geregistreerd op adres Wijk C 20 (voor 1928: Wijk C 23). Ook een kostganger, Gerardus Broeren (Gradus), schilder van beroep, woont er dan.

Figuur 4. Boerderij van familie Hammen in de Torenstraat in de tweede helft van de vorige eeuw.

Een gedwongen verhuizing op oudejaarsdag

In november 1925 verandert alles. Op 27 november worden Fons en zijn zus uitgeschreven uit de gemeente Overasselt en vertrekken ze naar Nijmegen. Gradus Broeren moest daarom ook verhuizen en ging inwonen bij klompenmaker Nicolaas (Klaasje) van der Linden, die in het oude protestantse kerkje woonde (Wijk C 14 in Balgoy). De boerderij wordt verkocht via een veiling aan Gerardus (Grad) Hammen, geboren op 14 mei 1876 in Balgoy. Samen met zijn vrouw Kornelia (Keetje) Driessen (geb. Nederasselt, 1871) en hun drie kinderen – Franciscus Hendrikus, geb. 23 augustus 1908 in Balgoy, Regina Elisabeth, geb. 18 juni 1910 in Balgoy en Hendrikus Franciscus, geb. 16 januari 1912 in Balgoy – woonde hij tot dan toe aan de Houtsestraat, in de Holtschehoek (Frans Hammen, een boerenknecht uit Reek trouwt in de 19e eeuw in Balgoy. | Piet’s Blog: Balgoyse mins).

Figuur 5. Gezin Grad Hammen, vlnr: Grad, Frans, Gina, Hendrik, Keetje Driessen in de dertiger jaren van de vorige eeuw.

Volgens een interview dat zoon Hendrik in 2003 gaf aan Chris Bouchoms en Leo Bijmans van Heemkundekring Pagus Balgoye, vond de daadwerkelijke verhuizing plaats op oudejaarsdag 1925. Niet uit vrije keuze, maar gedwongen door natuurgeweld: een dijkdoorbraak tussen Nederasselt en Overasselt zorgde voor ernstige overstromingen in het Maasgebied. De boerderij in de Holtschehoek kwam onder water te staan. Ook aan de Torenstraat was er overlast, maar het water stond er minder hoog. Zo werd de verhuizing een noodzaak — en een keerpunt in de familiegeschiedenis.

Hendrik Hammen: veehouder, vader en verhalenverteller

De jongste zoon van Grad Hammen en Keetje Driessen, Hendrikus Franciscus (roepnaam Hendrik), geboren op 16 januari 1912, groeit op op de boerderij. Hij zal het bedrijf later overnemen en er zijn hele werkzame leven blijven wonen en werken. Hendrik trouwt met Annie Lucassen uit Escharen, en samen krijgen zij maar liefst veertien kinderen. Een groot gezin dat opgroeit op de boerderij — tussen het vee, de akkers en het ritme van de seizoenen.

In het eerder genoemde interview uit 2003 vertelt Hendrik uitgebreid over het boerenleven in de twintigste eeuw. Hij spreekt over het melken van koeien met de hand, het ploegen met een paard, het werk met paard en wagen, en de komst van de dorsmachine. Over hoe de boerderij zich aanpaste aan de tijd: van kaarslicht naar elektra, van losse handel naar melkfabriek en van een eenvoudige stal naar een moderne inrichting.

Figuur 6. Hendrik Hammen met hart en ziel achter de ploeg.

Wat vooral naar voren komt is zijn diepe verbondenheid met het erf, het vak en de familie. In een veranderende wereld wist hij vast te houden aan waarden als arbeidsethos, zorg voor het vee, en de kracht van een groot gezin.

Honderd jaar familiegrond

De boerderij aan de Torenstraat is inmiddels bijna een eeuw in handen van de familie Hammen. Dat is in deze tijd bijzonder. Het is geen monument, maar wel een plek met monumentale betekenis: een anker van continuïteit in een wereld die voortdurend verandert. Wat begon als een eenvoudig boerenbedrijf, groeide uit tot een plek van generaties. Van de bescheiden start aan de Houtsestraat tot het runnen van een gemengd bedrijf aan de Torenstraat. Altijd met de voeten in de Balgoyse klei en het hart bij het land.

Henk en Paul Hammen wonen er nog altijd. Het actieve boerenbedrijf is inmiddels gestopt, maar het erf wordt nog altijd met zorg onderhouden. Voor hen is het geen verleden tijd, maar levende geschiedenis. Een erf dat verhalen draagt van hard werken, grote gezinnen, verbondenheid en volharding — en dat nog altijd thuis is voor wie er woont.

Waar stond het café van Wilhelmina’s ouders? – Een zoektocht naar Balgoyse wortels

Via info@pagusbalgoye.nl ontving de Heemkundekring Pagus Balgoye een bijzondere vraag van iemand uit Groesbeek. Die persoon was op zoek naar haar familiegeschiedenis, en dan vooral naar de jeugdjaren van haar grootmoeder Wilhelmina van den Boogaard, geboren op 5 augustus 1874 in Balgoy. Volgens familieverhalen hadden Wilhelmina’s ouders, Jan van den Boogaard en Hendrina Schippers, een huis met een caféfunctie waar ook brood werd gebakken. En dat huis zou in de nabijheid van de kerk hebben gestaan.

Een Balgoyse familie met bakkersbloed
In mijn MyHeritage stamboom Balgoyse minse v1 is te vinden dat Wilhelmina (in aktes van de burgerlijke stand wordt de naam Maria Wilhelmina gebruikt) uit een familie kwam waarin brood bakken en horeca geen onbekende begrippen waren. Haar broer Willem van den Boogaard werd brood- en beschuitbakker in Eindhoven. Een andere broer, Peter, was bakker in Nederasselt. Het idee dat er in het ouderlijk huis brood werd gebakken, wordt dus ondersteund door deze bredere familietraditie.

Hoogveld: bakkerij én thuisbasis

Figuur 1. Hinderwetvergunning gemeente Overasselt 1901

De grootste doorbraak in deze zoektocht kwam uit het archief van de voormalige gemeente Overasselt. In een beschikking van burgemeester en wethouders uit 1901 (inventarisnummer 1128) wordt een hinderwetvergunning verleend aan J. van den Bogaard te Nederasselt. Het betreft een vergunning voor het exploiteren van een bakkerij aan de Hoogveldsestraat, kadastraal bekend als sectie C nr. 784. De realisatie (stichting) van de bakkerij is ook terug te vinden in het kadaster.

Figuur 2. Hulpkaart kadaster Nederasselt, dienstjaar 1903 – Stichting bakkerij

Deze vondst bevestigt wat al werd vermoed: Jan van den Boogaard had daadwerkelijk een bakkerij op het Hoogveld, op de grens van Balgoy en Nederasselt. Dit geeft ons voor het eerst een concreet adres en een juridisch document dat het bestaan van de bakkerij officieel maakt. De Hinderwet was bedoeld om overlast en risico’s van ambachtelijke bedrijvigheid te beperken – dus deze vergunning betekende dat het om een serieuze bakkerij ging, waarschijnlijk met een hout- of steenkoolgestookte oven.
Verder onderzoek in het bevolkingsregister van Overasselt uit de periode 1880 tot 1900 laat zien dat de twee broers Jan en Kornelis van den Bogaard in die periode vlak bij of naast elkaar woonden. Kornelis en zijn gezin woonden op Hoogveld nr 137 en Jan van den Bogaard met gezin op Hoogveld nr 138.

Balgoy was toen nog zelfstandig
Een belangrijk historisch detail: Balgoy was tot 1923 een zelfstandige gemeente, en viel dus niet onder Overasselt. Hoogveld lag in de buurt van de grenzen van Balgoy, Keent en Nederasselt. Dat de vergunning uit Overasselt komt, betekent waarschijnlijk dat het perceel aan de kant van Nederasselt lag. Het grootste gedeelte van het Hoogveld behoorde daarentegen wel tot de parochie Balgoy.

Jan van den Bogaard verhuist met gezin naar de gemeente Balgoy en Keent
Op 25 april 1904 wordt Jan van den Bogaard uitgeschreven uit de gemeente Overasselt en op 29 april 1904 ingeschreven in de gemeente Balgoy en Keent. Hij verhuist naar Wijk B nummer 42 in Balgoy (BR Balgoy 1890 – 1923 blad 16). Al op 21 september 1905 overlijdt hij en wordt hij begraven in Balgoy. In de overlijdensakte van Jan van den Bogaard uit 1905 staat duidelijk dat hij geboren is in Nederasselt en overleden is in Keent, waar hij ook gewoond heeft.

Figuur 3. Overlijdensakte 1905 van Jan van den Bogaard

Zijn vrouw Hendrina Schippers wordt hoofd van het gezin, tot in maart 1906 zoon Willem, die ook bakker was, terugkeert uit Algiers (Afrika) en hoofd van het gezin wordt. Hij trouwt in juni 1907 met Arnolda van den Broek. De precieze plek waar het gezin gewoond heeft is nog niet precies bekend, maar moet in de buurt van het Merste straatje en de Zandweg in Keent zijn geweest. Of ze daar ook een bakkerij hebben gehad weten we ook niet zeker. Wat er wel in het Bevolkingsregister van Balgoy 1860 – 1890 staat beschreven is dat in Wijk B nummer 40b, dus vlakbij of naast de familie van den Bogaard, Johannes van Haaren woonde (overleden 31-12-1885), die wethouder, landbouwer, tapper, winkelier en karman was. Maria Wilhelmina van den Bogaard trouwt op 29 november 1906 in Groesbeek met Johannes Kersten. Op 7 juli 1907 wordt Maria Wilhelmina uitgeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Balgoy en Keent. Zij gaat in Groesbeek wonen. In mei 1916 vertrekt de rest van het gezin naar Wijchen.

En het café?
Of er daadwerkelijk een café was in het Hoogveld, is (nog) niet met documenten aangetoond. Maar in die tijd was het niet ongewoon dat een bakkerij of woonhuis ook dienst deed als ontmoetingsplek. Misschien werd er koffie of bier geschonken aan klanten of dorpsgenoten die hun brood kwamen halen. Veel hangt af van hoe breed je het begrip “café” neemt – maar dat het huis een levendige plek was, lijkt aannemelijk. En over de periode in Keent weten we nog minder.

Oproep: wie herkent dit verhaal of weet meer over sectie C 784 in Nederasselt en Wijk B42 in Keent?
We gaan verder zoeken in de kadastrale gegevens en oude kaarten om het perceel sectie C 784 precies te lokaliseren. Misschien weet iemand die dit verhaal leest hier nog meer over. Wie kent verhalen over een bakkerij in het Hoogveld begin 20e eeuw? Is het pand blijven bestaan? Zijn er nog foto’s? En waar heeft het gezin van Jan van den Bogaard precies gewoond in Keent? Is hier nog meer over bekend?

Figuur 4. Het gezin van den Bogaard in Nederasselt en Keent rond 1900

Het is prachtig om te zien hoe een persoonlijke vraag van een kleindochter een kettingreactie van lokale geschiedenis op gang brengt – over een bakkerij, een dorp, een parochie en mensen die hun sporen achterlieten op Hoogveld en in Keent.

Een Kersten uit Balgoy – hoe familiegeschiedenis begint met een e-mail

Soms begint een bijzonder verhaal heel gewoon. Op zondag 25 mei 2025 kreeg ik een e-mail van Irene Kersten. Ze schreef: “Hallo Piet, Ik heb interesse in het dorpje Balgoij omdat mijn opa daar vandaan komt. Harrie Kersten, geboren op 22-09-1911. Na de watersnood zijn ze naar Brabant verhuisd.”
Dat was voldoende om me nieuwsgierig te maken. Want: wie was Harrie Kersten?

Geboorteakte Hendrikus Wilhelmus Kersten, Balgoy 1911.

De opa van Irene blijkt Hendrikus Wilhelmus (Harrie) Kersten te zijn, geboren op 22 september 1911 in Balgoy, wijk A nummer 16. In 1923 werd Balgoy onderdeel van de gemeente Overasselt en veranderde dat adres in wijk C nummer 16, en al snel daarna in C13.

Deel van Balgoy met wijknummers uit 1931 (Wijk C nummer 13 heeft later de straatnaam Houtsestraat gekregen).

In het bevolkingsregister van Overasselt is te vinden dat het gezin van Theodorus Kersten en Elisabeth Petronella Willems (en dus ook zoon Harrie) op 21 mei 1927 naar Helmond vertrok. Dat was kort na de watersnood van 1926. In Helmond was het gezin niet lang, want bij het huwelijk van Harrie in 1941 met Helena Bots staat als woonplaats: Mierlo. Ze trouwden in Asten en zijn later beiden begraven in Ommel
(Bron: www.online-begraafplaatsen.nl).

Burgerlijke Stand Huwelijk, gemeente Asten 1941.

Om meer te weten te komen over wie de eigenaar was van het huis met wijknummer C13 kun je kadastrale gegevens opzoeken. Het eerste interessante wat ik tegenkwam was een kadastrale veldwerkschets uit dj (dienstjaar) 1910 van de omgeving van het huis waar Th. Kersten woonde (kadastraal sectie A nummer 716).

Kadastrale veldwerkkaart Balgoy gemeten in juni 1899.

Met behulp van de kadastrale gegevens van de drie huizen die op de hulpkaart zijn aangegeven, A716, A715 en A713, kan een stukje Balgoyse geschiedenis worden opgehelderd.

A716
In dj 1896 wordt het huis van Hendrikus van Lunen, timmerman, uit Balgoy verkocht. Hij is in 1855 overleden. Mede-eigenaren zijn Joanna en Christina Theodora van Luenen, erfgenamen en schoonzoon Petrus Kersten (leggerartikel BGY00 113). Petrus Kersten, landbouwer, uit Balgoy en Johannes Kersten uit Keenth worden de nieuwe eigenaars. In dj 1900 vindt verkoop plaats. Theodorus Kersten, zoon van Petrus Kersten, landbouwer in Balgoy, wordt dan de nieuwe eigenaar. In dj 1908 en 1909 vindt herbouw plaats en in dj 1927 wordt het huis verkocht aan Johannes Gradus van Stippen, landbouwer te Balgoy (Wijk C13). In dj 1935 wordt het huis herbouwd en in dj 1947 nog eens verbouwd. In dj 1966 wordt Johannes Antonius Petrus van Stippen, geb. 7-11-1938 en expediteur van beroep, eigenaar. Het adres is dan Houtsestraat 4 Balgoy (leggerartikel BGY00 1533).

A715
In dj 1894 was Arnoldus van Stippen, landbouwer, uit Balgoy eigenaar van huis en erf kadastraal A349. Er vindt scheiding plaats en het huis wordt eigendom van zoon Willem van Stippent, arbeider uit Balgoy. In 1897 vindt herbouw plaats. In dj 1931 wordt verkocht (leggerartikel BGY00 924). Eigenaar wordt de dochter van Willem van Stippen, Eliza Wilhelmina, zonder beroep uit Balgoy, maar nog steeds in dj 1931 wordt het huis opnieuw verkocht. Nu wordt Petrus Hendrikus Theunissen, landbouwer uit Balgoy, de eigenaar. Hij is op 16 mei 1930 getrouwd met Elisabeth Wilhelmina van Stippen. Er is al eerder een verhaal geschreven over Piet Theunissen en Lies van Stippen (Welk huis is dit in Balgoy? Het verhaal van Piet Theunissen en Lies van Stippen. | Piet’s Blog: Balgoyse mins). In het kadaster wordt in dj 1935 Veiling geschreven en daarna wordt eigenaar Johannes Sigbertus van Haren Mathzn, landbouwer (oorspronkelijk uit Keenth). Het wijknummer is C12. Na een verbouwing in dj 1945 wordt het huis in dj 1951 verkocht (leggerartikel BGY00 1273). Johannes Jacobus van der Heijden, landbouwer, krijgt dan het eigendom. In dj 1973 vind scheiding plaats en is het eigendom overgegaan op Anna Maria van Haren , geb. 11-6-1906, weduwe van Johannes Jacobus van der Heijden. Het adres is dan Houtsestraat 6 Balgoy (leggerartikel BGY00 1411).

A713
Tot dj 1905 was Hendrina van der Hop, landbouwster, uit Balgoy en weduwe van Matthijs Teunissen eigenaar van huis en erf kadastraal A713 (leggerartikel BGY00 530). Daarna worden Gerardus Francissen, landbouwer eigenaar en de kinderen Joanna Theodora, Maria Hendrika, Mathijs Petrus, Petronella Wilhelmina en Wilhelmina Petronella deels mede-eigenaar. Het wijknummer is C10. Het huis wordt in dj 1912 verbouwd en in dj 1950 vindt scheiding plaats. Mathijs Petrus Francissen, landbouwer, wordt dan eigenaar en in dj 1955 vindt kadastraal stichting plaats. Mathijs Petrus Francissen blijft eigenaar, wel in gemeenschap van goederen getrouwd met Johanna Gunera Louisa Maria Bolder. Het adres is dan Houtsestraat 8 Balgoy (leggerartikel BGY00 1407).

De interesse in de familie Kersten gaat verder dan alleen het verhaal hierboven. De naam Kersten komt ook voor in de eigen familie. De oma van mijn echtgenote Ans Jans was Hanna Kersten. De gemeenschappelijke link tussen Hanna en Harrie Kersten is Christianus Kersten, geboren in 1792 te Wijchen. Zijn zoon Petrus trouwde in bij de familie van Luenen (wijknummer C13 in Balgoy) en een andere zoon Hendricus Kersten trouwde met Elisabeth de Bruijn. Hendricus Kersten op zijn beurt is ingetrouwd bij zijn schoonvader Arnoldus de Bruijn. Hendricus Kersten en Elisabeth de Bruijn trouwen in Balgoy op 28 april 1876. Dit verhaal is ook al eerder opgeschreven (Hanna Kersten trouwt met Piet Jans uit Escharen – over burgemeesters en gemeentesecretarissen | Piet’s Blog: Balgoyse mins). Het adres nadat Balgoy gemeente Overasselt was geworden in 1923 werd Wijk C nummer 30. Al heel snel veranderde de wijknummering weer en werd het Wijk C nummer 27 (Bron: Bevolkingsregister gemeente Overasselt 1924 – 1931). C27 is terug te vinden op het kaartje van Balgoy met wijknummers uit 1931. Nu is de straatnaam Torenstraat, maar de boerderij staat er sinds 2023 niet meer. Meer dan twee eeuwen lang werd er geboerd op die plek in het centrum van Balgoy. Op die bijzondere plek midden in Balgoy prijken nu zes nieuwe huizen – twee speciaal ontworpen voor senioren en vier twee-onder-één-kap-woningen (Boerderij in centrum van Balgoy maakt na meer dan twee eeuwen plaats voor zes woningen | Piet’s Blog: Balgoyse mins).

Tot slot – van nieuwsgierige vraag tot Balgoyse geschiedenis
Wat begon met een simpele vraag uit Brabant, leidde naar een mooi stukje familiegeschiedenis in Balgoy – een verhaal waarin namen, huizen, en gebeurtenissen uit de twintigste eeuw verbonden zijn met oude kaarten, kadasters en herinneringen.
Dank je wel, Irene, dat je die vraag stelde. Want zo wordt Balgoyse geschiedenis levend gehouden, van generatie op generatie.

Pastoor gezocht voor Balgoyse parochie in 1808

Regelmatig krijg ik mails of whatsapps met vragen over Balgoyse mensen en gebeurtenissen uit het verleden. De vraag in de e-mail die ik vrijdag kreeg was net even anders:

Hoi, gaat over een pastoor… Kun jij dit lezen?

Rudie was waarschijnlijk aan het zoeken in de archieven van het Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC), had Balgoy gevonden en een scan van het document aangevraagd. Dan krijg je snel een antwoord: “Uw BHIC Archiefstuk is gereed“ en kun je het document downloaden.

Het gevonden archiefstuk is een document uit de inventaris van het Dekenaat Cuijk (inv 7050), periode 1542 – 1998. De brief is gedateerd op 17 juni 1808 en afkomstig van Wolter Steins Bisschop, rector te Vortum. Hij richtte zich tot de vicaris-generaal met het verzoek om benoemd te worden tot pastoor van Balgoy.

Een bijzondere sollicitatiebrief

Of ik de brief kon lezen? Nou, dat was een uitdaging. De tekst begint en eindigt met Latijnse zinnen, waarvoor ik gelukkig op internet terechtkon. Het nieuwe Microsoft 365 Copilot bood daarbij ook goede hulp. Verder was de tekst geschreven in oud-Nederlands, wat met enige moeite te ontcijferen was. Alleen het woord “vacceren” moest ik opzoeken: dat betekent in modern Nederlands “vrijgekomen zijn” of “vacant zijn”

Hier volgt een transcriptie van de tekst in het document:

Illustrissime Pientissime Domine (Latijn: Zeer Illustere en Vrome Heer)
Aangesien door het overlijden van den seer Eerw. Heere Pastoor de Pastorij van Balgooy is komen te vacceren, en Uwe Hoog EerWaarde en Uwe Hoog Geëerde mij te Mierlo versekerde, naar eenigen tijd te Vortum geweest te hebben, verder over mijn persoon gunstig te beschikken (hetwelk dan ook de drijfveer van mijn vertrek aldaar geweest is),
so is het dan nu ook dat ik, met gepaste nedrigheid en diepste hoogachting en eerbied, mij tot Uwe Hoogeerwaarde wende. Steunende op Uwe Hoog Eerwaarde vermogen in deze betrekking, verzoek ik Uwe Hoog Eerwaarde voor mij ter bereiking van dien Pastorij de nodige werkzaamheden uit te oefenen.
Ik zal intusschen van mijn kant den Heere bidden voor het langdurig behoed van Uwe Eerwaarde, en — so het Hem behaage — mij de wezenlijke vereisten te verlenen die nodig sijn tot de bediening van zulke een heijlige pligt.
Klassissime Ac Reverendissime Me Domine (Latijn: Zeer Geleerde en Zeer Eerbiedwaardige Heer)
Uwe Hoog Eer Waarde nedrigste dienaar
Wolter Steins Bisschop, Rector
Vortum, den 17 juni 1808

Het overlijden van pastoor Voet

De aanleiding van de brief was duidelijk: de pastoor van Balgoy was overleden en Wolter Steins Bisschop uit Vortum had wel interesse om die vacature in te vullen. Vortum behoorde vanaf omstreeks 1325 tot de schepenbank van Vierlingsbeek en kwam in 1813 bij de toen opgerichte gemeente Vierlingsbeek. In Vortum was een kapel, gewijd aan de heilige Hubertus en Wolter Steins Bisschop was daar in 1808 rector (geen pastoor).

Wie was de overleden pastoor in Balgoy? In het begraafboek (1766 – 1811) van de Rooms Katholieke Gemeente Balgoy vond ik het antwoord. Op 5 juni 1808 werd de Eerwaarde Heer Hubertus Voet, Pastoor, begraven. Hubertus Voet, afkomstig uit Ravenstein, werkte vanaf 1786 in Balgoy en Keent. De tijd waarin hij diende was een spannende tijd voor de katholieken. De parochiekerk van Balgoy en de kapel van Keent waren aan de katholieke eredienst onttrokken. Er was slechts een schuurkerk in het Hoogveld (Veldsestraat), waarvan ook de katholieken van een deel van Nederasselt (o.a. het Eind en Hoogveld) gebruik maakten. Een schuurkerk was een schuilkerk die was gevestigd in een gebouw dat er van buiten als een schuur uitzag. De geloofsgemeenschap mocht ook geen parochie meer heten in die tijd, maar werd een statie. De statie “Balgoy en Keent” omvatte toen behalve Balgoy en Keent, een deel van Nederasselt en “twee hoeven op de Weggelaar onder Wijchen”. Dat de mensen weer samen konden komen in hun eigen (schuur)kerk verbond ze en gaf ze dat saamhorigheidsgevoel dat we nu nog zien. Ik denk dat in die periode ook de basis is gelegd voor een leefgemeenschap groter dan de geografische grenzen van het dorp Balgoy. In 1795, nadat de Bataafse Republiek was uitgeroepen, werd de statie in Balgoy weer omgezet in een parochie en in 1805 kregen de katholieken de oude parochiekerk van Balgoy terug; de schuurkerk werd in 1811 verkocht en gesloopt. Hubertus Voet was in die roerige tijd pastoor in Balgoy en mocht na 1805 weer voorgaan in de kerk van Balgoy op de plek waar nu de Oude Toren nog staat. Een uitgebreider verhaal: De katholieken in Balgoy en Keent – de vroegste geschiedenis | Piet’s Blog: Balgoyse mins

De kerk in Balgoy 1732 © pentekening C. Pronk

Een nieuwe pastoor

Wolter Steins Bisschop reageerde opvallend snel: binnen veertien dagen na het overlijden van Hubertus Voet stuurde hij zijn sollicitatie naar de vicaris-generaal. Maar hij werd niet benoemd. Volgens het boek “Geschiedenis van het Bisdom ’s Hertogenbosch (derde deel) van Schutjes uit 1872 werd in 1808 Joannes Sengers uit Wijchen pastoor van Balgoy en Keent. Hij was een capucijn van het klooster in Velp en zijn kloosternaam was Basilius. Ook in het boek “75 jaar kerkkroniek Balgoy” staat pastoor Sengers vermeld in de lijst met pastoors in de periode 1808 – 1838.

Het is altijd bijzonder om via oude documenten even een blik te werpen op het verleden. De brief van Wolter Steins Bisschop laat niet alleen zien hoe formeel sollicitaties destijds waren, maar geeft ook een inkijkje in de dynamiek van het religieuze leven in Balgoy begin 19e eeuw.