Boerderij in centrum van Balgoy maakt na meer dan twee eeuwen plaats voor zes woningen

In april 2023 werd de boerderij in de Torenstraat afgebroken.

Veranderingen in Balgoy zijn altijd nieuws. Het is al weer even geleden en we zijn er al weer aan gewend geraakt denk ik, maar in 2022-2023 heeft een opmerkelijke transformatie plaatsgevonden in de Torenstraat. Op de plek waar voorheen een oude boerderij met bijbehorende schuur stond, prijken nu zes nieuwe huizen – twee speciaal ontworpen voor senioren en vier twee-onder-één-kap-woningen. De verandering kwam tot stand door een herziening van het bestemmingsplan. Wethouder Geert Gerrits, verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening in de gemeente Wijchen, benadrukte toentertijd het belang van deze ontwikkeling voor Balgoy. Hij noemde het een welkome aanvulling tussen het oude en nieuwe gedeelte van ons dorp (De Gelderlander maart 2021).

Tijdens de werkavond van heemkundekring Pagus Balgoye op 6 december 2023 in dorpshuis ’t Ballegoyke vertel ik over bronnen voor genealogisch onderzoek.

Op de laatste werkavond in 2023 van de heemkundekring Pagus Balgoye was het onderwerp “bronnen voor genealogisch onderzoek”. Om uit te leggen hoe en welke bronnen je tot je beschikking hebt om genealogisch (stamboom) onderzoek te doen werd de geschiedenis van de voormalige boerderij aan de Torenstraat als onderwerp gekozen. Het ontrafelen van een (familie)geschiedenis begint altijd dicht bij huis. Een reis terug in de tijd, die echter vaak begrensd wordt door beperkingen op het inzien van officiële documenten uit de burgerlijke stand, die pas na een periode van 50 tot 100 jaar openbaar worden. Om deze tijdslimiet te overbruggen, moet je je speurtocht starten binnen de familiekring. Bij het terugzoeken van enkele generaties is het raadzaam om te grasduinen in familiepapieren. Denk aan waardevolle documenten als trouwboekjes, paspoorten, geboortekaartjes, bidprenten en overlijdensberichten. Deze stukken kunnen vaak essentiële informatie bevatten die je een stap dichter bij voorouders brengen. Verder is het handig om te achterhalen of andere familieleden al gegevens hebben verzameld. Misschien heeft iemand anders binnen de familie al eens onderzoek gedaan naar de afstamming. Het raadplegen van (oudere) familieleden is ook van onschatbare waarde. Niet alleen voor basisinformatie zoals namen en data, maar ook voor een schat aan verhalen die de geschiedenis van de familie tot leven kunnen brengen. Vaak bezitten zij niet alleen oude familiefoto’s, maar hebben ze ook memorabele verhalen en anekdotes over vroegere generaties paraat. Deze verhalen zijn kostbaar, hoewel soms doorspekt met mythes. Het is aan ons, als objectieve onderzoekers van de geschiedenis, om te achterhalen welke van deze verhalen op waarheid berusten. Dat avontuur gaat dan verder in de archieven, waar we dan stukje bij beetje de puzzel van de geschiedenis kunnen leggen.

Wie weet welke bijzondere verhalen en verborgen parels er schuilen in de geschiedenis van deze boerderij in Balgoy. Het onderzoek naar de wortels van Balgoyse mensen kan een onverwachte en betoverende reis zijn door de tijd, waarbij elke ontdekking een nieuw hoofdstuk opent in het boeiende verhaal van het verleden. Wat betreft deze boerderij in de Torenstraat, begint het verhaal ook nog eens met een stukje eigen familiegeschiedenis. Laten we deze reis maar beginnen met een artikel in het tijdschrift Boerderij van dik tien jaar geleden.

Frans Jans en Petra van Uden en de boerderij aan de Torenstraat in 2011 (Bron: Boerderij 96, no. 44, 2011).

Frans Jans en Petra Jans-Van Uden waren de laatste bewoners van de boerderij en wonen nu in een van de twee levensloopbestendige woningen. In 2011 besloten ze om de boerderij aan te houden tot 2022 met circa 65 melkkoeien, waarmee ze een stabiel inkomen konden halen. Dat bleek uit een bedrijfsplan van toen. In 2009 waren de melkprijzen slecht en er was geen opvolger voor Frans. Toch wilde hij graag doorboeren. Hij vroeg zich af of dat wel kon en hoe dat op het huidige bedrijf zou kunnen worden gerealiseerd. DLV Rund­vee Advies hielp om de zaken op een rij te zetten en een bedrijfsplan te maken. Uit de bedrijfseconomische analyse bleek dat de laatste kilo’s melk niet genoeg geld opbrachten. Ook was de ligboxenstal te vol en toe aan renovatie. Vervolgens werden drie ontwikkelscenario’s doorgerekend: investeren in een melkrobot, uitbreiden en optimaliseren bij de huidige bedrijfsomvang. Het werd optimaliseren. Dat bracht opvallende keuzes met zich mee. Er werd melkquotum verkocht en de ligboxstal werd gerenoveerd. Dus niet uitbreiden en investeren; althans niet in groei, maar als resultaat van de optimalisatie wel een investering in koecomfort (Bron: Boerderij 96, no. 44, 2011).

Het begin van de stamboom van Frans Jans, de laatste bewoner van de boerderij, met het gezin, broer, zus en ouders.
Bewijs van eigendom
De boerderij in de Torenstraat.

En toen werd het 2022. Frans en Petra besloten definitief om te stoppen en de boerderij verdwijnt. Met de kennis van familieleden en familiedocumenten kunnen we teruggaan in de tijd, naar het jaar 1987. Frans, de jongste zoon van Theodorus Petrus (Thé) Jans en Johanna Wilhelmina (An) de Grunt, treedt in het voetspoor van zijn ouders en gaat verder met het boerenbedrijf na zijn huwelijk met Petra van Uden. We gaan verder terug, naar 1954. Het huis met erf, bouw- en weiland en boomgaard, kadastraal Balgoy sectie A, nummers 135, 136, 138, 139, 140, 141 en 507 werd officieel overgedragen aan Thé Jans, waarmee een nieuw tijdperk voor de boerderij aanbrak. Thé kocht de boerderij van zijn vader Petrus Johannes (Piet) Jans. Een jaar later, in 1955, trouwt Thé met An de Grunt. Zijn vrijgezelle broer Antonius Hermanus Gijsbertus (Antoon) blijft op de boerderij werken.

Begin vorige eeuw, om precies te zijn op 6 mei 1910, trouwde Petrus Johannes (Piet) Jans uit Escharen met Johanna Arnolda (Hanna) Kersten uit Balgoy. Zij trouwden in op de boerderij aan de Torenstraat in Balgoy van de ouders van Hanna Kersten, Hendrikus Kersten en Elizabeth de Bruijn, die er vanaf 1876 hadden geboerd. Hoe Piet Jans in Balgoy terecht is gekomen is te lezen in een ander verhaal in deze blog: Het boeren zit de Brabantse familie Jans in de genen.

Trouwboekje van Piet Jans en Hanna Kersten

Op het plaatje hieronder, een detail van een kadastrale kaart uit 1811-1832, zie je een boerderij met de naam Florenstein. We kennen allemaal de plek van deze boerderij, omdat die nog steeds prominent in Balgoy te vinden is. De naam Florensteijn prijkt nog op de voorgevel. Als we het over de Balgoyse geschiedenis hebben, over de gebouwen en de mensen die er geleefd hebben, valt regelmatig de naam Florensteijn. Ook in deze blog heb ik vanzelfsprekend over Florensteijn geschreven; recente artikelen van de blog gingen uitgebreid over de geschiedenis van Florenstein, over de mensen die op Florensteijn gewoond en geleefd hebben en daarvoor over een oude sage uit de Katholieke Illustraties.

Detail kadastrale kaart 1811-1832 van Balgoy sectie A.

Al in de tijd van deze kadastrale kaart uit het begin van de 19e eeuw stond er naast Florenstein een boerderij, kadastraal sectie A nummer 139, de boerderij die nu afgebroken is. Dat het om dezelfde boerderij gaat blijkt uit recentere kadastrale gegevens. Toen Piet Jans de boerderij verkocht aan zijn zoon Thé in dienstjaar 1955 waren de kadastrale nummers nog steeds dezelfde.

De boerderij van Piet Jans in 1955 Balgoy C27, nog steeds kadastraal sectie A nummer 139

Eigenaar van de boerderij in het begin van de 19e eeuw was volgens het kadaster de weduwe van Daan Danen (Daan (Daniel) Danen is op 24 maart 1814 overleden), Elisabeth van Velp. Daniel Danen was de zoon van Antonius Danen en Henrica Paulissen. Henrica Paulissen op haar beurt was een dochter van Paulus Aarts van Florenstein, die op Florenstein woonde. Terwijl een andere dochter van Paulus Aarts, Elisabeth, getrouwd met Petrus Jacobs van Haren op Florenstein bleef wonen, is er hoogstwaarschijnlijk door splitsing een tweede boerderij gekomen voor Henrica.

Afstammingsreeks van de bewoners van Frans Jans, die hem en de boerderij verbindt met Florenstein

Met behulp van WieWasWie (https://www.wiewaswie.nl/) kunnen we een afstammingsreeks van de bewoners van de boerderij maken van Frans Jans terug in de tijd die uitkomt bij Henrica Paulissen. Een afstammingsreeks toont via welke lijnen iemand afstamt van één van de voorouders. In tegenstelling tot een stam- of moederreeks volg je dan niet continu de rechte mannelijke of rechte vrouwelijke lijn, maar in dit geval blijf je wel op dezelfde boerderij.

Samengevat heeft de werkavond van Pagus Balgoye wederom een mooi stukje Balgoyse geschiedenis opgeleverd. Het verhaal begon met een krantenbericht dat op de plek waar voorheen een boerderij met bijbehorende schuren stond zes nieuwe huizen zijn gebouwd. In 2022 besloten Frans en Petra Jans definitief om te stoppen met de boerderij. Meer dan twee eeuwen lang werd er geboerd op die plek in het centrum van Balgoy. Opvallend is dat de boerderij steeds overgenomen werd door een van de kinderen van het gezin. Verder kunnen we met vrij grote zekerheid aannemen dat de boerderij is ontstaan uit splitsing van het naast gelegen voormalige adellijke huis Florenstein halverwege de 18e eeuw.

Het verhaal van Zr. Antoinetta uit Balgoy na een wandeling in Wijchen

Het kerkhof van het voormalige klooster Huize Tienakker, dat in 2000 werd gesloten. Sinds 14 oktober 2019 is het kerkhof eigendom van de gemeente Wijchen, die ook de verzorging van dit kerkhof heeft overgenomen.

Vorige week zaterdag liep ik met mijn echtgenote Ans door het centrum van Wijchen. Het was zo’n mooi weer dat we besloten om een stukje verder te wandelen. Toen ik vroeg om een rondje over het voormalige kloosterterrein van Tienakker te lopen, want daar was ik nog nooit geweest, zei Ans dat daar een oudtante, Zr Antoinetta, begraven lag op het kloosterkerkhof. Zr Antoinetta, Theodora Maria Kersten, was de zus van Hanna Kersten, die getrouwd was met Piet Jans (oma en opa van Ans). Piet Jans is na het huwelijk met Hanna Kersten in 1910 ingetrouwd bij zijn schoonmoeder Elisabeth de Bruijn in Balgoy. Schoonvader Hendrikus Kersten overleed in september 1909.

Het Klooster Tienakker werd in 1865 door de zusters Franciscanessen van Bennebroek (Sint Lucia) in gebruik genomen. De kapel was er toen nog niet. De zusters richtten eerst een kapel in op de zolder van het oude notarishuis, hun klooster Tienakker. Pas later kregen zij toestemming om de kapel te bouwen. Het klooster is in 2000 gesloten. In 2008 is het hoofdgebouw en de kloosterboerderij gerenoveerd en zijn er twee appartementengebouwen gerealiseerd. De renovatie van de kloosterkapel in 2010 vormde het sluitstuk van het project Kloosterpark Tienakker. Alleen de oude dodenakker bleef een rustplaats. Ook de kapel bestaat nog en werd door de huidige eigenaar met zeer veel zorg en liefde gerestaureerd. Eind 2000 werd het klooster Huize Tienakker verkocht. Sinds 14 oktober 2019 is het kerkhof eigendom van de gemeente Wijchen, die ook de verzorging van het kerkhof heeft overgenomen. In het verhaal tussen Maas en Waal is meer informatie te vinden over de geschiedenis van het klooster en het kloosterleven in Wijchen en in het Maas en Waals Tijdschrift voor Streekgeschiedenis Tweestromenland, nr 34 uit 1981 wordt de geschiedenis van 125 jaar Zusters Franciscanessen in Wijchen verteld.

Grafzerk van Zr. Antoinetta op het kloosterkerkhof

Bij de poort van het kerkhof aangekomen, bleek die jammergenoeg op slot. Toch even een blik werpend op de eerste grafzerken, riep Ans verrast “daar ligt Zr. Antoinetta”! En inderdaad links van het pad, op de vierde of vijfde zerk stond de naam Zr. Antoinetta geschreven met als geboortedatum 12 mei 1884 en overlijdensdatum 8 juni 1973.

Detail uit de stamboom van familie Jans: Theodora Maria Kersten is de zus van Johanna Arnolda (Hanna) Kersten. Beiden zijn dochters van Hendricus Kersten en Elisabeth de Bruijn. Hanna trouwt in 1910 met Petrus Johannes (Piet) Jans.

De begraafplaats van de Zusters Franciscanessen is terug te vinden in online-begraafplaatsen 3.0 en ook de gegevens van Zr. Antoinetta.

Begraafplaats Zr. Antoinetta Kersten 1884 – 1973

In de akten van de Burgerlijke Stand van de gemeente Balgoy is de geboorte van Zr. Antoinetta ook terug te vinden. Zij werd geboren als Theodora Maria, dochter van Hendrikus Kersten en Elisabeth de Bruijn.

Geboorteakte Nr. 2 uit 1884 in de Burgelijke Stand van de Gemeente Balgoy en Keent. Theodora Maria Kersten werd geboren “op den twaalfden mei dezes jaars, te zes ure, des namiddags te Balgoy, Wijk A, No. 30 (nu Torenstraat 4).

In september 1909 overlijdt vader Hendrikus Kersten en op 10 juni 1910 trouwen Hanna Kersten en Piet Jans. Zij gaan op de ouderlijke boerderij van Hanna Kersten wonen. Een week voor het huwelijk wordt de twee jaar jongere zus van Hanna uitgeschreven in de gemeente Balgoy en Keent. Volgens het bevolkingsregister van de gemeente Balgoy en Keent 1890 – 1923 vertrekt ze naar Rotterdam.

Bevolkingsregister Balgoy 1890 -1923: Theodora Maria Kersten op 4 juni 1910 vertrkken naar Rotterdam (ZH).

In het bevolkingsregister van Rotterdam, 494-03.612 “Gestichtsregisters”, bevolkingsregisters van patiënten en inwonend personeel, Nr.GR-4, vinden we Theodora Maria Kersten uit Balgoy terug. Zij is ingeschreven op 21 juni 1910 op Coolsingel 36 als liefdezuster in het klooster van de Congregatie der Franciscanessen. In hetzelfde register staat vermeld dat ze op 24 augustus 1912 Rotterdam verlaat en naar Veur bij Leidschendam gaat, naar het St Josephgesticht. Van Veur gaat Theadora Maria Kersten, die dan Zr. Antoinetta heet, naar de gemeente Oudewater. In het bevolkingsregister van Oudewater 1890 – 1915, inventarisnr 510, folionr 169 staat geschreven dat zij op 28 september 1914 uit Veur komt en gaat wonen in het Sint Franciscusgesticht, Capellestraat B117. Ook in Oudewater blijft Zr. Antoinette maar een paar jaar. Volgens het bevolkingsregister van Rotterdam, 494-03.622 “Gestichtsregisters”, bevolkingsregisters van patiënten en inwonend personeel, Nr.GR-14, keert ze op 16 september 1916 weer terug in Rotterdam en wordt ze ingeschreven op het Sint Luciagesticht, Linker Rottekade 129.

Zr. Antoinetta Kersten in Oudewater, ca. 1915

En toen liep de zoekactie dood. Tussen de familiefoto’s vonden we wel een foto van Zr. Antoinetta toen ze in Oudewater werkte. Die moet gemaakt zijn rond 1915 toen ze net 30 jaar oud was. Een tweede foto dateert uit de jaren vijftig van de vorige eeuw en is gemaakt in Wijchen op Tienakker. In die tijd ging de zoon van Piet Jans, Harrie Jans, samen met zijn vrouw Truus van Overbeek af en toe op bezoek bij zijn tante in klooster Tienakker.

Zr. Antoinetta rond 1950 in klooster Tienakker

Toen Piet Jans en Hanna Kersten in 1960 hun 50-jarig huwelijksfeest vierden in Balgoy, was Zr Antoinetta ook van de partij.

Piet Jans en Hanna Kersten 50 jaar getrouwd. Foto onder de ereboog aan de Hoeveweg. In die tijd woonden ze in bij zoon Harrie (midden achter het bruidspaar).
Rechts Zr. Antoinetta en links haar broer Jan met echtgenote op het bruiloftsfeest.

Omdat Zr. Antoinetta op 8 juni 1973 overleden is in Wijchen en op de begraafplaats van klooster Tienakker is begraven moest daar wellicht meer informatie beschikbaar zijn. Na de sluiting van Tienakker zijn de zusters naar klooster Portiuncula in Alverna verhuisd. Dit klooster werd rond 1930 in opdracht van de zusters Franciscanessen gebouwd en werd vernoemd naar de kapel bij Assisi waar Franciscus vaak verbleef en is gestorven. Via via werd contact gemaakt met het hoofd van de Zusters Franciscanessen van St. Lucia (voorheen Bennebroek) in Portiuncula. Zij was graag bereid om te kijken of er in de annalen van de orde nog informatie te vinden zou zijn over Zr. Antoinetta. Na enkele dagen komt per post haar antwoord: “Ingesloten vindt u enige informatie over zuster Antoinetta Kersten. Het is niet uitgesproken veel maar meer staat er niet vermeld. Dat was in die tijd ook niet zo gewoon om uitgebreid de loftrompet te steken. Ik vind het jammer dat ik niet heb kunnen vinden welke taak zuster Antoinetta had in de verschillende huizen.” Toch blijken er wel nieuwe feiten in het archief te zitten en worden eerder gevonden gegevens bevestigd. Data en verplaatsingen kloppen mooi met de gegevens uit de burgerlijke stand en de bevolkingsregisters van de verschillende gemeenten waar Zr. Antoinetta verbleef. Nieuw zijn de data van intrede, inkleding, professie en de kopieën van een professieprentje van het gouden professiefeest en een bidprentje.

Persoonskaart van Zr. Antoinetta in de annalen van de kloosterorde.

In het verhaal hierboven krijgen klooster Tienakker en de orde van de zusters Franciscanessen van St Lucia een gezicht door het verhaal van Theodora Maria Kersten geboren in Balgoy, die op 26-jarige leeftijd Balgoy verliet en Zr. Antoinetta werd in Rotterdam. Na ruim twintig jaar keerde ze terug naar haar geboortestreek en ging op Tienakker wonen en werken, waar ze na een dienstbaar leven in 1973 overleed. Uit het kloosterregister van 1973 blijkt dat Zr. Antoinetta in het begin van het jaar nog even op de hemel moest wachten, omdat haar nieuwe huis daar nog niet klaar was, maar in juni verruilde ze haar plichtsgetrouwe leven voor eeuwige rust en vrede.

In 1973 overleed Zr. Antoinetta, zoals beschreven in het register van het klooster.

Bronnen:
Hanna Kersten trouwt met Piet Jans uit Escharen – over burgemeesters en gemeentesecretarissen, Piet’s Blog
Het boeren zit ze in de genen – de familie Jans in Mill, Escharen en Balgoy van 1632 tot heden, Piet’s Blog
De familie Jans in Balgoy, Piet’s Blog
Katholiek reveil, tweede golf kloosters, Verhaal tussen Maas en Waal
125 jaar Zusters Franciscanessen in Wijchen, Tweestromenland, nr 34 uit 1981


Gertrudes van Raaij, echtgenote van Godefridus Jans, slachtoffer van de grillen van de Maas?

2e143-afbeelding9

Gertrudes van Raaij woonde in Escharen, op de Legeheij (Lage Heide)

Dat de Maas een grote rol speelde in het leven van de mensen die aan beide zijden van de rivier woonden is al vaker beschreven in deze blog.  Deze keer een voorbeeld aan de andere kant van de Maas.

Gertudes van Raaij, dochter van Hendricus van Raaij en Catrin Jacobs, geboren 28 januari 1756 op “de Legeheij” (tegenover “het Huukske” op de weg van Escharen naar Zeeland) was de echtgenote van Godefridus Jans, zoon van Jean Wilbers en Maria Jans Diependaal, geboren in Mill. Godefridus is de betovergrootvader van Harry Jans, geboren en getogen in Balgoy. Godefridus trouwde in in de ouderlijke boerderij van Gertrudes, waar zij samen woonde met haar moeder die al weduwe was.

van Godefridus naar Harry Jans

Stamreeks van Harry Jans, die in vier generaties uitkomt bij Godefridus Jans en Gertrudis van Raaij uit Escharen

Gertrudes overlijdt op 15 februari 1799, op 43-jarige leeftijd. Ze wordt niet in Escharen waar ze woonde begraven maar in Reek op 19 februari. In het begraafboek van Reek is te lezen waarom.

1a58c-afbeelding6

1799 die 15 Februarii vite munita (=voorzien van ziekenzalving) obit(=is gestorven) in Eschaare Gertrudis van Roij et ob (als gevolg van) inundantiam (inundatio=overstroming) aquaram (=water) hie sepelitur( =is hier begraven) 19 ejusdem (=hetzelfde)

De inschrijving in het begraafboek kan mijns inziens toch nog op twee manieren worden uitgelegd. De meest voor de hand liggende vertaling is: In 1799 op 15 februari is voorzien van de ziekenzalving overleden in Escharen Gertrudis van Roij en die is als gevolg van overstroming hier begraven op de 19e van diezelfde maand. De vraag is of Gertrudis verdronken is bij de overstroming of dat ze als gevolg van de overstroming niet begraven kon worden in Escharen. Op dit moment denk ik dat het laatste het geval was, omdat Gertrudis voorzien was van het sacrament der zieken. Bij de verdrinkingsdood verwacht je dat niet meteen, eerder bij een ziekbed.

In ieder geval is duidelijk dat in februari 1799 de Maas buiten zijn oevers was getreden. In het tijdschrift Tweestromenland, het Maas en Waals tijdschrift voor streekgeschiedenis, van mei 1978 (nr. 28) wordt geciteerd uit een aantekeningenboekje van de Blerickse schoolmeester Simon Teeuwen (1). De winter van 1798-1799 was streng en ging gepaard met overstromingen. En dat was niet de eerste keer in de achttiende eeuw. IJsvorming kwam in de achttiende eeuw veelvuldig voor. Dit verschijnsel, dat in verband stond met de strenge winters in deze periode (de laatste fase van de ‘kleine ijstijd’), zag men als één van de grootste boosdoeners bij het ontstaan van rivieroverstromingen. Wanneer ijs losraakte en ging drijven zette het kruiende ijs zich vast door over elkaar te schuiven en zo werden grote ijsdammen gevormd die ver boven de dijken uitstaken. Water en ijs werden tegen deze ijsdammen opgestuwd en het water rees zo hoog dat het over de dijken stroomde. Hierdoor kalfden de dijken aan de achterkant af en braken door (2). Dit gebeurde dus ook in februari 1799.

Tweestromenland 1978.png

Tweestromenland, het Maas en Waals tijdschrift voor streekgeschiedenis, van mei 1978 (nr. 28)

Toch begon het traditionele beeld dat de rivier de manier van leven van de mensen bepaalde te veranderen! De Franse revolutie aan het einde van de achttiende eeuw maakte niet alleen korte metten met de oude politieke en sociale orde, maar zorgde tevens voor een doorbraak van de moderne, rationalistische denkbeelden van de Verlichting en het geloof dat de mens in staat was zijn eigen lot in handen te nemen. Dit geloof werd bovendien in belangrijke mate versterkt doordat de Britse industriële revolutie aantoonde dat de mogelijkheden daartoe, vooral als gevolg van de uitvinding van de stoommachine, plotseling sterk waren toegenomen. Dankzij de Franse en Britse revoluties aan het einde van de achttiende eeuw kwam de maakbare samenleving binnen handbereik en, met het Franse voorbeeld voor ogen, waren ook in ons land velen van mening dat de staat hierbij een belangrijke rol moest spelen (2). De nieuwe staatsvorm in 1798 en de bestuurlijke omwenteling zouden belangrijke gevolgen hebben voor de aanpak van de rivierenproblematiek. Het was nu mogelijk op nationaal niveau beleid te ontwikkelen om in te kunnen grijpen. Het werd de taak van de, eveneens in 1798 ingestelde, centrale waterstaatsdienst (Rijkswaterstaat) om na te gaan wat deze algemene verbetering voor de rivieren moest behelzen. In de winter van 1798-1799 werd weer eens duidelijk hoe belangrijk dat was.

Bronnen:

  1. “Strenge winter met overstroming” in: Tweestromenland, het Maas en Waals tijdschrift voor streekgeschiedenis, van mei 1978 (nr. 28)
  2. “Strijd om de rivieren, 200 jaar rivierenbeleid in Nederland”. Alex van Heezik, proefschrift Technische Universiteit Delft 2007

En…… dan ben je opa.

Vrijdag 19 juli 2013, een zonnige zomerdag in het Zeelandse Wissenkerke. Hier op landschapscamping Wilgenoord is, net als in het rustige Balgoy, niet veel te merken van de zomerdrukte. Anders zal het zijn op de Zeelandse stranden, waar duizenden vakantiegangers zullen genieten van de zon. Anders is het ook in Nijmegen, waar het volop feest is en de Vierdaagse lopers op weg zijn naar de finish op de Via Gladiola. Duizenden lopers en nog veel meer toeschouwers in de brandende hitte van deze zomerse dag. Dat alles gaat aan mij voorbij, want ik ben vandaag voor de eerste keer opa geworden.

Familie Thijssen houdt traditie in ere – bezoek aan Balgoy op 2e dag van de Vierdaagse

Bron: @geertgeenen @ twitter
Op de tweede dag van de Nijmeegse Vierdaagse loopt de familie Thijssen – van Overbeek enkele kilometers extra, om op familiebezoek te gaan in Balgoy. Dat doen ze al een aantal jaren. Tot vorig jaar kwamen ze speciaal ome Harrie Jans gedag zeggen, maar na diens overlijden in 2011 hebben ze besloten de traditie in ere te houden en Ans en mij te bezoeken. Omdat ze maar 40 km hoeven te lopen per dag, moeten ze enkele km’s van het parkoers af, maar dat doen ze met plezier. Als ze iets na elven arriveren zijn bijna alle 50-ers alweer uit Balgoy vertrokken.

Bron: http://www.facebook.com/pagusbalgoye

Voor ons was het een verassing dat het dit jaar niet 3 maar 5 wandelaars waren. Behalve Toon en Gerard Thijssen en hun zwager Piet van Hees, die al jaren de Vierdaagse lopen, waren dit keer ook een broer van Piet en Johanna Voets – Thijssen, zus van Toon en Gerard van de partij. Na een paar koppen koffie, een hapje en de traditionele foto werd de tocht voortgezet met de belofte om volgend jaar weer terug te komen.