Wilhelmus van Erp – Tweede burgemeester van Geffen en eigenaar van molen de Vlijt

Willie van Erp (links) en
zoon Arnout laten de kaft
van hun nieuwe boek zien.

Mijn broer Willie en zijn zoon Arnout hebben in de afgelopen drie jaren zoveel informatie verzameld over Wilhelmus van Erp, een van onze voorvaderen, dat ze besloten er een boek over te schrijven. Wilhelmus (1802 – 1883) was de tweede en langstzittende burgemeester van Geffen, en eigenaar van molen De Vlijt. Geffen is het Brabantse dorp waar ik geboren ben en meer dan twintig jaar van mijn leven heb gewoond.
Wilhelmus van Erp werd in 1833 benoemd tot burgemeester van Geffen. Zijn leven en regeerperiode vielen midden in een tijdvak tussen de Franse Revolutie (1789) en het begin van de Eerste Wereldoorlog (1914). In deze periode ontwikkelde de wetenschap en technologie zich met rasse schreden, wat zorgde voor een materialistische levensbeschouwing en een geloof in de vooruitgang. Toch was hiervan nog niet veel te merken op het Brabantse platteland. Armoede was dan nog steeds de standaard. Het onderwijs was nog slecht en zeker niet toegankelijk voor alle kinderen. Burgemeester, pastoor, notaris, dokter en enkele andere notabelen hadden het voor het zeggen. In Geffen, en op het Brabantse platteland in het algemeen, was het een tijd van traditie en stilstand, of een heel langzame vooruitgang in sommige sectoren. In 1862 beëindigde Wilhelmus van Erp zijn burgemeesterschap. In het boek worden zijn leven en werk beschreven aan de hand van aktes en ander schriftelijk bewijs. Hij kocht in 1864 molen De Vlijt en ook het hele verhaal van deze molen met al zijn eigenaren wordt in het boek beschreven.
Geffen 1880: midden molen De Vlijt, links De Zeldenrust (1).
In 1883 overleed Wilhelmus van Erp in Geffen op 80-jarige leeftijd. Hij was niet meer ‘bij zijn verstand’. Tijdens het leven van Wilhelmus heeft Geffen toch wel een ander gezicht gekregen. Het centrum van het dorp is vanaf “De Heuvel” naar de Molenstraat verplaatst met de in 1840 gebouwde burgemeesters-woning en het in 1856 opgerichte gemeentehuis en plein, genaamd ’t Dorp. In 1876 verplaatste Wilhelmus van Erp molen De Vlijt vanaf de Papendijk naar een perceel naast zijn burgemeestershuis. Samen met molen De Zeldenrust, eveneens gesitueerd aan de Molenstraat, vormde dit het nieuwe beeld van Geffen aan het einde van de negentiende eeuw.
Het boek geeft een prachtig tijdsbeeld van een Brabants dorp in de periode 1800 – 1900, zeker niet alleen interessant voor familie en Geffenaren. De auteurs hechten aan een feitelijk relaas, goed onderbouwd met originele documenten, aktes, kadasterkaarten en foto’s, historisch en genealogisch verantwoord dus.
Dit was al het uitgangspunt vanaf het allereerste begin van onze genealogische zoekacties. Het begon in 1989 toen mijn vrouw Ans met de wetenschap dat haar opa Piet Jans uit Escharen kwam, op zoek ging naar meer genealogische informatie in het streekarchief in Grave. Ook ik werd nieuwsgierig en niet veel later werd begonnen met de stamboom van van Erp uit Geffen en was ik regelmatig in het BHIC in Den Bosch te vinden. Vanaf 1989 werd de gevonden informatie gedeeld op genealogieonline. Iets meer dan vier jaar geleden stapte ik over op MyHeritage om de gevonden gegevens weer te geven en te beheren; deze genealogische database en website is alleen toegankelijk voor leden. Het betreft niet alleen de van Erp stamboom, maar de database bevat meerdere gelinkte stambomen met o.a. de namen Jans, van Overbeek, Elbers en van de Koolwijk, in totaal meer dan 4000 personen met veel foto’s, aktes en andere genealogische documenten. Arnout ziet de genealogische verzameling als een uitdaging en gaat de stamboom van onze van Erp familie verder invullen en wordt mede beheerder van de Myheritage website. Het duurt niet lang of Arnout stuit op Wilhelmus van Erp, de zoon van Joannes van Erp. Joannes is een broer van Adrianus van Erp, onze stamvader en de zoon van Jan Rutte van Erp. Hij vraagt zijn vader hem te assisteren.
Deel van de stamboomgegevens (2) waarin de relatie wordt aangegeven tussen de verschillende Geffenaren met de achternaam van Erp. Vele Geffenaren met de achternaam Van Erp zijn familie. Niet alleen onze stam (met de bijnaam ”Corrie”), maar ook de bijnamen als “Smid” en “Zouaaf” zijn rechtstreekse afstammelingen van Jan Rutte van Erp.
Cornelis (Corrie) van Erp met
echtgenote Johanna Hermes
rond 1920
Winkeltje met kruidenierswaren
en zuidvruchten in de Kloosterstraat (3)
Piet en Lena van Erp van Tuijl voor
hun winkel in de Kloosterstraat in 1959
Waar komt die interesse in onze voorvaderen vandaan? Of beter gezegd vanwaar onze belangstelling in de kennis van de eigen omgeving, de Brabanders, de gebruiken en heemkundig waardevolle overblijf-selen. Ik denk dat het met de paplepel is ingegeven door de generaties voor ons. We zijn opgegroeid en opgevoed met “buurten” en verhalen vertellen. Horeca is een goede voedingsbodem en we stammen af van een familie met een lange horeca historie. Het café tegenover de kerk wordt door menig Geffenaar “De Gover” genoemd. Onze voorvaderen, Jan Rutte van Erp, zoon Adriaan van Erp en diens kinderen en kleinkinderen, zijn de oudst bekende uitbaters van deze horecagelegenheid (4). Mijn opa en naamgenoot Piet van Erp, Piet “de Corrie” (zoon van Cornelis van Erp) had een winkeltje midden in Geffen in de kloosterstraat met kruidenierswaren en zuidvruchten. Nadat opa was gestopt met de winkel zijn ome Frans en ome Toon nog lang doorgegaan met verkoop aan huis, eerst met paard en wagen en later ome Toon nog met een klein soort “SRV-wagen”. In de winkel gingen verhalen uit het dorp over de toonbank en voor de winkel werd veel “gebuurt”. Ome Albert had later o.a. een café (Nooit Gedacht) in Oss waar mijn vader Jan van Piet de Corrie regelmatig ging oberen. Ome Harrie en ome Kees werkten bij “de Post” en mijn vader en ome Frans waren duivenmelkers. De Corries zijn een hechte familie, met een lange traditie van verhalen vertellen over de Geffense mensen en hun gebruiken. Wie de familie kent, wie Willie of Arnout kent, weet ook dat ze nooit als eerste naar huis gaan als ze aan het buurten slaan.

 

De boekpresentatie, in samenwerking met Heemkundewerkgroep Vladerack, zal plaatsvinden op zaterdag 21 mei van 14.00 tot 16.00 uur bij molen De Vlijt in Geffen, met muzikale ondersteuning van blaaskapel De Pompzwengels.
Daar vindt u een inkijkexemplaar en kunt u inschrijven voor het boek dat € 15,50 zal gaan kosten. Bij voorinschrijving betaalt u slechts € 13,50.
Graag nodigen wij u uit om er een gezellige middag van te maken. De molenaars van molen de Vlijt zullen bij genoeg wind de molen laten draaien.

Bronnen:
(1) Geffen in oude ansichten, G.H.J. Ulijn, 1971, Zaltbommel.
(4) Een pot nat. De historie van de Geffense horeca van 1840 tot 2010, Ruud Verhagen, 2010, Geffen

Het boeren zit ze in de genen – de familie Jans in Mill, Escharen en Balgoy van 1632 tot heden

Begin vorige eeuw, om precies te zijn op 6 mei 1910, trouwde Petrus Johannes (Piet) Jans uit Escharen met Johanna Arnolda (Hanna) Kersten uit Balgoy. Zij trouwden in op de boerderij aan de Torenstraat in Balgoy van de ouders van Hanna Kersten, Hendrikus Kersten en Elizabeth de Bruijn, die er vanaf 1876 hadden geboerd.
De boerderij van Frans Jans (kleinkind van Piet Jans) en Petra van Uden aan de Torenstraat in Balgoy.
Insert: Piet Jans en Hanna Kersten in 1960 toen ze 50 jaar getrouwd waren.
Vijf generaties “Jans” in Mill

Om te begrijpen hoe Piet Jans in Balgoy terecht kwam, zullen we beginnen bij de oudste stamvader die we gevonden hebben en de stamreeks volgen. Een stamreeks is een genealogisch overzicht van de afstammingslijn tussen een bepaalde voorouder en een nakomeling, vaak in mannelijke lijn. Hiervoor gaan we allereerst naar Mill, Noord-Brabant. Anthonius Nelissen werd daar rond 1632 geboren en trouwde met Johanna Jacobs. We hebben twee zonen van hen kunnen vinden. Een van deze twee kinderen, Joannes Theunissen trouwde met Wendel Kerstens in 1695 en van hen hebben we vier kinderen kunnen vinden. De derde generatie is Willebrordus Jans en Maria Jans van Dijck, getrouwd in 1718 en zij hadden bijna zeker twaalf kinderen. Joannes Wilbers was een van de twaalf en hij trouwde met Maria Jans Diependaal in 1746, nog steeds in Mill en zij kregen acht kinderen. Maria Jans Diependaal was al eerder getrouwd met Johannes van Sambeeck waarmee ze twee kinderen had.

Handtekenening Jan Wilberts (Joannes Wilbers) onder huwelijkscontract

Vanwege dit eerdere huwelijk werd er een huwelijkscontract opgesteld en hierdoor hebben we ook de handtekening van Joannes Wilbers. Maria Jans Diependaal kon blijkbaar niet schrijven en tekende met een “kruis”.
Hun zoon Godefridus Jans werd geboren in 1749 en was de laatste voorvader uit Mill.

Inschrijving van Godefridus in het doopboek van Mill

Godefridus trouwde met Geertruda van Raaij uit Escharen. Dit moet zijn geweest tussen 1790 en 1793, maar hierover is tot nu toe niets te vinden in de DTB registers van Escharen of de regio. Hij trouwde in in de ouderlijke boerderij van Geertruda, waar zij samen woonde met haar moeder die al weduwe was. Dit was op de Lage Heide.

Godefridus Jans verhuisde naar Escharen,
naar de Legeheij (Lage Heide).
Geertruda kreeg samen met Godefridus drie kinderen. De oudste was Johanna, die in een akte die we gevonden hebben staat omschreven als “onwijs”. In de overlijdensakte staat dat ze geboren is in Escharen en dat ze drieënveertig jaar oud is geworden. Dit betekent dat ze waarschijnlijk in 1794 geboren is, maar net als de huwelijksakte van haar ouders is een doopbewijs niet te vinden.
Als tweede werd Henricus geboren in 1796. Hij is een van onze voorvaderen. Hij werd later de wettelijke voogd over Johanna. Tenslotte werd in 1798 Petronella geboren.
In 1799 overleed Geertruda op drieënveertigjarige leeftijd. Zij werd niet in Escharen begraven, maar in het naburige Reek, waarschijnlijk omdat het kerkhof in Escharen onder water stond (door de Beerse overlaat?). Het kan ook zijn dat ze is verdronken (zie onderschrift bij de tekst in het begraafboek van Reek uit 1799).
1799 die 15 Februarii vite munita(=voorzien va ziekenzalving?) obit(=is gestorven) in Eschaare Gertrudis van Roij et ob(is overleden?) inundantiam(=onderwaterzetting?) aquaram(=door water?) hie sepelitur(=begraven) 19 ejsdern?
In 1802 gebeurde er iets belangrijks voor Godefridus. Zijn broer Peter werd ziek en overleed. Op zijn ziekbed maakte Peter een testament, waarin hij Godefridus als enige erfgenaam benoemde. Dit bleek een behoorlijke som geld en onroerende goederen, waaronder een boerderij in Escharen, de Bolt genoemd.

Godefridus verhuisde naar de Bolt. Het bakhuis stamt nog uit
die tijd, maar de boerderij werd in 1917 helemaal herbouwt.
We weten niet precies wanneer Godefridus verhuisde naar de Bolt. We weten wel dat Catrin van den Heuvel Jacobs, zijn schoonmoeder, overleed in 1806 en dat er in de Schepenbank een akte is met een boedelscheiding, waarin de ontroerende goederen van de Lage Heide verdeeld worden. Daarna is hij in ieder geval verhuisd naar de Bolt.
Godefridus had zeker aanzien in Escharen, want hij was Schepen, wat je tegenwoordig raadslid zou noemen en wordt veel genoemd in de Schepenbank van Escharen in die periode. Hij overleed in 1814. Na zijn overlijden erven de kinderen de Bolt. 2/3 voor zoon Henricus, omdat hij ook het erfdeel van zus Johanna beheert en 1/3 voor Petronella.

Overlijdensakte van Godefridus Jans uit de zeer jonge, nog Franse, Burgerlijke Stand van Escharen in 1814.

Henricus, Hendrik was zijn roepnaam, trouwde met Johanna van Beusekom op 18 mei 1823. Op dezelfde dag trouwde ook zijn zus, Petronella, met Gerardus Jans. Allen waren afkomstig uit Escharen en allemaal afkomstig uit boerenfamilies. Ze bleven wonen op de Bolt. Daar werden zeker vijf van de acht kinderen van Hendrik geboren.
Volgens het kadaster heeft Willem van Beusekom, zijn schoonvader, die woonde op een boerderij op Kouwenhuizen, zijn perceel kadastraal sectie G nummer 42 in 1834 in tweeën gesplitst. Op het nieuwe perceel sectie G nummer 163 bouwt Henricus een nieuwe boerderij. Op 13 oktober 1834 wordt de woning “deugdelijk verklaard” en verhuist hij waarschijnlijk snel daarna van de Bolt naar Kouwenhuizen.

Kouwenhuizen lag in het gebied van de voormalige Generaal de Bons-kazerne. Op  de Kadastrale kaart 1811-1832: minuutplan Escharen, Noord Brabant, sectie G, blad 01 (rechtsboven, ) is de locatie aangegeven van de splitsing. In die tijd had het perceel nog nummer 42. Op de kadastrale hulpkaart uit 1834 is te zien waar de nieuwe boerderij van Henricus Jans werd gebouwd.
Op de kadastrale hulpkaart uit 1834 is te lezen dat perceel sectie G oud nummer 42 wordt gesplitst in nummer 162 nog steeds van Willem van Beusekom en nummer 163 van Hendricus Jans.
Op Kouwenhuizen werd in 1838 Joannes Jans geboren, onze volgende voorvader.
Van beroep was Johannes landbouwer. Dat is ook te lezen in een afschrift van de Nationale Militie, wat als huwelijkse bijlage te vinden was bij de huwelijksakte van Johannes en Gijsberta van der Burgt. Hierin staat dat hij in 1857 opgeroepen zou worden, maar een plaatsvervanger werd gesteld, die 5 jaar heeft gediend. Wat we verder weten uit een rapport van de Nationale Militie is dat Johannes in 1856 werd gekeurd en in het keuringsrapport wordt vermeld dat hij een gezonde slanke jongeman is van 1 m 70, een smal gezicht heeft, grijze ogen en een grote neus. Hij werd daarna opgeroepen om dienst te nemen, maar hij is de dag van de opkomst niet verschenen. Er gingen een paar maanden overheen, waarna hij een aanmaning kreeg dat als hij op een bepaalde datum niet zou verschijnen, hij opgehaald zou worden. Hij heeft het toen afgekocht. Je kon in die tijd een beroepsmilitair betalen, die dan de dienstplicht voor jou vervulde. In dit geval was dat een man uit Breda.
Joannes trouwt in 1866 met Gijsberta Hermina van der Burgt uit Escharen, ook weer een boerenfamilie. Hij trouwt in bij zijn schoonmoeder, Sebastiana Poos die weduwe is. Het adres is Kerkenhoek 147.
Escharen, Kerkenhoek 147. Waarschijnlijk is deze foto gemaakt op maandagmiddag want ’s maandags was het wasdag. Achter het Gemeentehuis hangt het wasgoed aan de lijn en in de tuin liggen de lakens ‘op de bleek’ (Foto’s gemaakt door Willie Blom vanuit de kerktoren in 1948, www.estersheem.nl)
Boerderij Hoog Esteren
Op de Kerkenhoek 147 werden twee van de dertien kinderen geboren. Daarna worden er zes kinderen ingeschreven als geboren aan de Hekkens, wijknummer 173. We hebben nog niet kunnen achterhalen waar dat precies is, want in Escharen zijn minstens 5 plekken die de Hekkens heten. De Hekkens kan een aanwijzing zijn dat er vroeger op die plek tol werd geheven. Nummer 9, Johannes Petrus werd geboren op Kerkenhoek 186 in 1879.
Uit het bevolkingsregister van Escharen van 1870 tot 1880 blijkt dat Johannes Jans binnen die periode is verhuisd naar een boerderij die eerst werd bewoond door Hendricus Cuppen. Verder zijn er kadastrale gegevens dat dit een woning betreft ten zuiden van het dorp Escharen op de Bullen, die Hoog Esteren heet.
Hulpkaart Kadaster Escharen 1881,
opgemaakt en deugdelijk
verklaard 30 mei 1880.
Opvallend is dat uit kadastrale gegevens blijkt dat de boerderij in 1880 grondig is aangepast. Een grote schuur werd afgebroken, het woonhuis werd verbouwd en er werd een karnmolen aangebouwd. Dit zou kunnen duiden op de verhuizing. Op 10 juni 1880 wordt kind nummer tien, zoon Petrus Johannes (Piet) Jans, geboren en in de doopakte van de Burgerlijke stand van Escharen staat vermeld dat hij geboren is op Hoogesteren. Ook opvallend is dat in datzelfde jaar de boerderij op de Bolt werd verbouwd en ook daar werd een nieuwe karnmolen gebouwd. Zoon Piet Jans blijft op boerderij Hoog Esteren wonen tot hij in 1910 trouwt en naar Balgoy verhuisd.
Vier generaties “Jans” in Escharen.
Piet Jans en Hanna Kersten kregen in Balgoy elf kinderen, waarvan er zeven volwassen zijn geworden. Het eerste kind Hendrikus Johannes heeft nog geen 4 maanden geleefd. Johanna Maria, die in 1918 werd geboren is nog geen 8 maanden oud geworden en de tweeling die daarna werd geboren zijn 1 en 2 dagen oud geworden. Ze werden pas uitgeschreven in 1920 (toen Antonius Hermanus Gijsbertus, Antoon, werd aangegeven).
Hermina Gijsberta, die Mien werd genoemd en in 1917 werd geboren, is op 24 september 1945 verongelukt in het cafe in Balgoy, door van de keldertrap te vallen toen ze hielp op een bruiloftsfeest.
Trouwboekje van Piet Jans en Hanna Kersten

Na Piet Jans, werd het boerenbedrijf aan de Torenstraat in Balgoy overgenomen door zoon Theodorus Petrus Jans en op dit moment is het bedrijf in handen van diens zoon Frans. Dus na Mill en Escharen boert de familie Jans al weer drie generaties (ruim honderd jaar) in Balgoy.

Pastoor Andreas Arts bij afscheid in 1993 Ereburger van de gemeente Wijchen

Het is zaterdag en al weer half maart. Dat betekent dat we de vrije tijd weer moeten verdelen tussen de echte hobbies heemkunde en muziekvereniging en het tuinieren. Terwijl ik in gedachte bezig ben met de voorbereiding van de jaarvergadering van Kunst en Vriendschap voor aanstaande maandag, sta ik op een ladder en ben bezig met snoeien. En dan gaat ook nog de telefoon. Of ik thuis ben en even wil kijken naar iets dat werd gevonden bij het opruimen in de kerk. Klinkt als heemkunde.
Binnen 10 minuten staat Albert voor de deur met wat spullen uit de kerk. Mijn oog valt meteen op een klein grijs doosje van ongeveer 10×10 cm. Rechtsonder staat een logo met de naam Joop Falke, edelsmid uit Oss.

In het doosje zit een bronzen erepenning van de gemeente Wijchen.

Bijgevoegd is ook een klein getypt briefje waarop het volgende staat geschreven:

“In 1964 werd Andreas Arts benoemd tot pastoor van de parochie Johannes de Doper te Balgoy. Bij zijn afscheid als pastoor op 15 augustus 1993, werd hij benoemd tot Ereburger van de Gemeente Wijchen. (zie onderscheiding) Bij afwezigheid van de burgemeester, werd deze onderscheiding uitgereikt door loco burgemeester / wethouder W. Roelofs. Als emiritus pastoor van Balgoy heeft hij nog zeven jaren samen met zuster Petronella Maria van Driel doorgebracht in Uden. Daar overleed hij op 16 maart 2000. Zijn laatste wens was begraven te worden in Balgoy, hetgeen plaatsvond op 22 maart 2000.”
 
 
Andreas Arts, die rector was van het Cecilia-klooster in Zijtaart, werd zoals hierboven te lezen, in 1964 benoemd tot pastoor van de H. Johannes de Doperparochie te Balgoy. De zestiger jaren waren roerige jaren voor de katholieke kerk. Pastoor Arts werd aangesteld door monseigneur Wilhelmus Marinus Bekkers, de toenmalige bisschop van Den Bosch. Bekkers was van huis uit een eenvoudige, vrome boerenzoon, betoogde modernistische opvattingen in verschillende morele kwesties. Volgens Bekkers moest de Kerk niet een strenge moraal voorschrijven, maar tegemoetkomen aan de wensen van de gelovigen. Zijn opvattingen werden meer ingegeven door pastorale overwegingen dan door wetenschappelijke bezinning. Spraakmakend was zijn mening over de geboorteregeling die hij verwoordde op 21 maart 1963. Bekkers vond dat gelovigen zelf moesten beslissen over het gebruik van de anticonceptiepil. Zonder het woord ‘anticonceptiepil’ te gebruiken, benadrukte Bekkers dat ouders hun eigen geweten moeten volgen bij het bepalen van het kindertal. Niet lang daarna kreeg Balgoy een nieuwe pastoor, die meteen een begin mocht maken met de vernieuwde liturgie, waarbij de priester met het gezicht naar de gelovigen stond. Het verpachten van de kerkbanken werd afgeschaft; hiervoor in de plaats kwam het plaatsengeld en de gezinsbijdrage. Er kwam ook een geluidsinstallatie in de kerk en het priesterkoor werd uitgebreid. Belangrijk waren ook de bestuurlijke veranderingen in die tijd. Het aantal leden van het parochiebestuur werd uitgebreid en zij kregen ook taken toebedeeld. Het parochiebestuur was ook niet meer automatisch bestuur van de RK lagere school; de school kreeg een eigen schoolbestuur. Grote veranderingen dus in een kleine geloofsgemeenschap, maar maximaal gesteund door het bisdom. Toen Bekkers na een korte ziekte al op de leeftijd van 58 jaar overleed, werd Johannes Bluyssen op 11 oktober 1966 tot diens opvolger benoemd. Bluyssen was (na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853) van 1966 tot aan zijn vervroegde emeritaat in 1984 de achtste bisschop van ‘s-Hertogenbosch. Zijn wapenspreuk luidde: Quotidie ministrans (dagelijks dienstbaar), een lijfspreuk die naadloos aansloot bij het levensmotto van pastoor Arts. Tijdens de bisschopstijd van Bluyssen veranderde er veel in het bisdom en in Nederland. Het waren de jaren van polarisatie, de Nederlandse Bisschoppensynode van 1980, de vele ambtsverlatingen, de sluiting van de seminaries, het gebrek aan priester- en kloosterroepingen. Pastoor Arts was juist in deze roerige periode van grote waarde voor de kleine Balgoyse parochie. Vanwege zijn grote verdiensten en het feit dat hij zich tot op hoge leeftijd beschikbaar bleef stellen voor zijn parochie, kwam bisschop Johannes ter Schure naar Balgoy met de volgende verrassing: “Het heeft Z.H. de Paus behaagd u te benoemen tot zijn kamerheer en daarom wordt u voortaan aangesproken met Monseigneur!”
Mgr. Arts werd op 1 augustus 1993 eervol ontslag verleend, waarna hij in Uden van zijn welverdiende rust kon gaan genieten samen met zuster Petronella Maria van Driel, die hem sinds het overlijden van Grada Venbrux verzorgd had. Bij zijn afscheid werd hij benoemd tot Ereburger van de Gemeente Wijchen. De bronzen erepenning zal in het archief van heemkundekring Pagus Balgoye bewaard worden.
(bron: Ter Herrinnering: Renovatie 1997, Wim Verhoeven (Drukkerij Veldhoven – Rosmalen, 1997)

Wie is Anna Maria Janssen uit Balgoy?

website
Een nieuwe website voor Pagus Balgoye
De website van Pagus Balgoye, de heemkundekring van Balgoy, heeft sinds vandaag een nieuwe look. Door de griepepidemie wat vertraagd, kon toch afgelopen middag de vernieuwde website online gaan. De “oude” website was aan vernieuwing toe; de wens was om een meer dynamische website te maken met meer actuele informatie van o.a. de Facebookpagina van de heemkundekring en meer mogelijkheden tot interactie. Er is o.a. ook een contactpagina toegevoegd, waarmee de mogelijkheid wordt geboden om commentaar te leveren of vragen te stellen. Nog geen twee uur later komt de eerste vraag al binnen. Het betreft dames die geboren zijn in Balgoy in de 18e en 19e eeuw.
Een nieuw bericht via het contactformulier
Hendrina van Hoogstraten, dochter van Johanna Lamers, die de dochter is van Anna Maria Janssen. De vraag is: “wie was de moeder van Anna?”
Waar in eerdere berichten het gebruik van Bevolkingsregister en Burgerlijke Stand werden beschreven, zullen in dit geval de DTB-boeken van Balgoy uitsluitsel moeten geven, omdat het de 18e eeuw betreft. We kijken in www.genver.nl of het Balgoyse Doopboek van 1729 beschikbaar is en dat blijkt het geval te zijn.
In die periode is er niemand met de achternaam Janssen gedoopt in Balgoy. Er is wel een Anna gedoopt, dochter van Nicolaus Jansen (met één s) en Maria Jansen (ook met één s). De datum van de doop was 11 november. Dus ik denk niet dat dit de persoon is die we zoeken. Als het Anna Maria Janszoon betreft en de datum klopt, dan moet Anna Maria de dochter zijn van Joannes Ariens uit Keent en Joanna Dirks uit Balgoy. Deze Anna Maria werd gedoopt in Balgoy op 24-9-1729.
Overzicht van de dopen in 1729 uit het Doopboek van Balgoy
Detail: 24 7bris Bapta s Anna Maria filia jois Ariens ex keent et joanna Dirks
….. Rejnier Stevens et Hendrina janssens ex Balgoij
Anna Maria Jansen werd op 18 januari 1795 begraven in Balgoy.
De familienamen Hoogstraten en Lamers zijn niet onbekend in Balgoy en het patroniem Jansen is bijna zeker afgeleid van Joannes Ariens en ook die naam komt nog steeds voor in ons dorp. Ik ben benieuwd of andere Balgoyse mensen nog iets kunnen toevoegen aan deze zoekactie.
Laat onverlet dat deze zoekactie een voorbeeld is van de nieuwe mogelijkheden van de website.

Nextdoor – een leukere en wellicht veiligere buurt met nieuwe buurtapp

Nextdoor is een van oorsprong Amerikaanse app die buurten meer mogelijkheden geeft om met elkaar te communiceren. Vier jaar geleden gestart en begin deze week in Nederland gelanceerd. Er zijn al meer dan 100 buurten gevormd en het aantal loopt snel op. Kan zo’n concept ook iets zijn voor onze buurt?
Uitnodiging in de brievenbus
Mark wil het proberen. Vanmorgen ontving ik van hem een uitnodiging in de brievenbus en ik heb geen minuut getwijfeld. Heb me meteen aangemeld.
Nextdoor is een alternatief voor de buurtgroepen van WhatsApp die je overal in Nederland vindt (behalve dan hier in mijn buurt). De vraag was dus of ik de besloten buurtapp Nextdoor wilde gebruiken om te communiceren met en over onze buurt; dus om advies vragen, buurtfeest organiseren, spullen lenen, weggeven of zoeken naar een weggelopen huisdier. Inmiddels heb ik een eerste indruk van de app en heb ik een redelijk idee gekregen van de mogelijkheden – en van de mogelijke valkuilen.
Niet alleen urgente berichten
Buurten in de omgeving
Eén van die valkuilen van Nextdoor is de potentiële overload aan niet-relevante berichten. Standaard krijg je niet alleen meldingen van je eigen buurt te zien, maar ook van andere Wijchense buurten; bijvoorbeeld Abersland, Kraaijenberg en Bikkelkamp zijn ook een buurtgroep begonnen. Standaard staat alles ingeschakeld en je zult zelf in de instellingen moeten duiken om meldingen van andere buurten uit te zetten. Voor sommige mensen kan dat net iets te veel gedoe zijn.
Daar komt bij, dat Nextdoor niet alleen bedoeld is voor urgente berichten over verdachte personen en inbraken. Je kunt er ook spullen aanbieden of zelfs reclame maken. Dat kan al snel leiden tot een facebook-achtige app. Tegelijkertijd kan dat voor sommigen ook een reden zijn om Nextdoor te gaan gebruiken.
Wat is Nextdoor? Nextdoor is een besloten netwerk via een app. Toch is er een verschil met de buurtgroepen van WhatsApp: bij die groepen kun je niet zien welke andere groepen er zijn en kun je ook niet meekijken in andere buurten. Bij Nextdoor is de opzet iets anders, al is het aanvankelijk net zo gesloten. Pas op uitnodiging van een buurtgenoot mag je meedoen en je kunt dan meteen zien wat er in andere buurten te doen is. De berichtjes blijven dus niet beperkt tot jouw eigen buurt, want ook anderen kunnen meekijken. Wil je toch dat maar een beperkte groep mensen jouw bericht kan lezen, dan is het verstandiger om een privébericht te sturen of een kleinere groep aan te maken.
De insteek van Nextdoor is ook iets anders dan die van de WhatsApp-groepen, die vooral op het voorkomen van inbraken zijn gericht. Bij Nextdoor gaat het in eerste instantie om positieve interactie met buren.
Als je een uitnodiging krijgt, wordt je ook meteen gevraagd anderen uit te nodigen. Nu zit ik nog in een pilotbuurt. Mijn buurt wordt pas definitief als minstens 10 mensen lid worden en binnen 21 dagen hun adres verifiëren. Nu snap ik ook de nadruk wel die Nextdoor legt op het uitnodigen van al die buren: als je niet voldoende buren optrommelt vervalt je buurtgroepje weer.
Op de website van Nextdoor kun je zien of jouw buurt al beschikbaar is, door je huisadres en e-mailadres in te vullen. Daarmee heeft Nextdoor wel meteen jouw gegevens en bovendien willen ze graag je interesses, hobbies, functie en andere persoonlijke details weten, zoals dat ook met Facebook het geval is. Dat gebeurt onder het mom van ‘dan weten buren ook wie jij bent’, maar hou er rekening mee dat die gegevens voor Nextdoor ook best interessant zijn. In de privacy-verklaring van Nextdoor staat overigens: ‘We delen nooit je gegevens met adverteerders’ (maar ze kunnen de data dus wel zelf analyseren).
Een buurtnetwerk heeft iets onschuldigs en sympathieks en je gaat uit van goede bedoelingen van alle deelnemers, maar de standaardinstellingen om te delen zijn nogal ruim. Ook mensen van buiten de buurt kunnen zien op welk huisnummer jij woont. Als je vergeet om je profiel af te sluiten voor mensen buiten de buurt, moet je beseffen dat je daarmee risico’s loopt. Je kunt ook blokkeren dat anderen je huisnummer kunnen zien, maar aan de hand van het kaartje (en de huisnummers van mensen die nog geen lid zijn geworden) is vrij gemakkelijk te achterhalen om welk huisnummer het gaat. Nextdoor heeft gelukkig wel als beleid dat je je echte naam moet gebruiken. Ook wordt je adres geverifieerd, zodat Nextdoor zeker weet dat jouw straatnaam en huisnummer kloppen. Je mag geen fantasiegegevens invoeren.
Mijn eerste indruk is dat Nextdoor een positieve insteek heeft: niet alleen berichten van ongeruste ouders en mensen die ‘verdachte personen’ zien lopen, maar ook de mogelijkheid om tips uit te wisselen en om over andere zaken te communiceren met de buurt. Aanbellen of gewoon effe langs lopen kan natuurlijk nog steeds, maar we zijn allemaal druk en als we een keer samen willen overleggen is een gemeenschappelijk moment vaak moeilijk te vinden. Bovendien is een wakend oog voor de buurt toch ook wel handig!
Pluspunten:
  • Makkelijk buurtcontact
  • Goed alternatief voor WhatsApp-groepen, als die nog niet bij jou in de buurt zijn
  • Rustig uiterlijk van de app, daardoor erg overzichtelijk
  • Positieve instelling met evenementen en buurtactiviteiten, niet alleen meldingen over verdachte zaken
  • mogelijkheid voor privéberichten
  • De Nextdoor buurtapp is beschikbaar voor Android en iPhone
Minpunten:
  • Standaard-instellingen zijn erg open, daardoor loop je privacy-risico’s
  • De app verzamelt nogal wat persoonlijke info (de verleiding om te delen is groot, omdat het onschuldig lijkt)
  • Amerikaans bedrijf, daardoor geen Europese privacy-garanties
  • Standaard staan alle buurten aangevinkt, waardoor je nogal wat niet-relevante meldingen krijgt (uitschakelen moet handmatig)